Zeilersverhalen van Pigeaud

Nautische businessmodellen

Bijzondere en verrassende businessmodellen van havens in Griekenland

We hadden het al gehoord van andere zeilers: in Griekenland betaal je weinig of niets in de meeste havens, zelfs al zijn ze redelijk goed aangelegd. Hoe kan dit?

Er zijn eigenlijk 4 concepten te onderscheiden:

  1. de “marina” zoals wij die kennen: goede voorzieningen, maar ook gewoon duur. Gouvia op Corfu is er zo een, daar betaalden we gewoon 70 Euro per nacht. Het is niet eens de meest gezellige plek, maar wel inclusief water en elektra en een goede chandlery, naast veel middelmatige terrassen en taverna’s.
  2. de “Euro-haven”: ongeveer het meest bedroevende maar wel handig voor de zeiler: Iemand heeft ooit het idee gehad om een mooie haven aan te leggen, Europees geld geregeld en daarna de haven aangelegd. Meestal zie je dat het de bedoeling was om er ook water en elektra aan te leggen, maar dat is vooral duidelijk door de grote gaten in het beton, waar soms nog een verloren buis uitsteekt. Meestal weet niemand van wie deze havens zijn, laat staan dat er een havenmeester is. Kiparissi, Pylos en Trizonia zijn hiervan voorbeelden. Je ligt er prima beschut, betaalt niets maar hebt ook geen enkele voorziening. Een non-businessmodel dus.

    Trizonia: de Eurohaven met half gezonken tweemaster

    Trizonia: de Eurohaven met half gezonken tweemaster

  3. De “goede bedoelingen-haven”: Meestal een oude kade of vissershaven, die door enthousiaste ondernemers wordt omgekat tot jachthaven. Improvisatie en gastvrijheid op zijn Grieks, met vaak goede elektra en watervoorzieningen, mar soms zijn er ook vreemde verrassingen. Eufimia op Kefalonia is het mooiste voorbeeld, waar je prima bediend wordt, weinig betaalt maar ook niet helemaal zeker bent of de “havenmeesters” echt zijn of gewoon een handeltje ervan maken voor eigen rekening. Ook Plataria, waar we op 20 juli liggen, is er zo een met verrassing: in de middag blijkt door het minieme tijverschil van 15-20 cm een deel van de kade, inclusies bolders en elektrakasten, onder water te komen. Niemand die het erg vindt…

    hoogwater in Palarias

    hoogwater in Plataria

  4. De haven (of steiger) als traffic generator. Taverna’s aan het strand bouwen een (vaak wrak) steigertje voor 10-20 boten. Er staat dan en groot bord “free mooring” aan het begin van deze steiger. Als je hebt aangelegd (waarbij je vaak hulp krijgt van een van de taverna-eigenaars) zie je een kleiner bordje waarop iets staat in de trant van “crews of boats moored here are expected to have dinner in our taverna”. Dat snap je natuurlijk al als je aan komt varen. Mooi voorbeeld van kleine ondernemers die een eigen markt creëren. Taverna Karnayo op Kalamos was het mooiste voorbeeld.

    de taverna met aanlegsteiger in Kalamos

    de taverna met aanlegsteiger op Kalamos


Pilot store / nieuwe strategie V&D?

Vandaag in de haven van Bonifacio een nieuwe versie van La Place ontdekt. Zou met de huidige temperaturen in Nederland best aanslaan, denk ik. Zou het een pilotstore zijn? Dan hoop ik dat het later op de dag wel wat voller werd…

IMG_0452


Hotel in natuurgebied: legaal of illegaal? een non-business….

29 augustus: we varen op de motor met een zeiltje bij naar Garrucha, 65 mijl verder.

Onderweg varen we langs een mooi natuurgebied met vulkanisch gebergte tot aan de stranden dat behoort bij de Cabo de la Gata. Middenin staat een verlaten kolos van een hotel waarop met grote letter “HOTEL LEGAL” is geschilderd.

Even googelen en ziehier wat er aan de hand is: Het hotel is altijd controversieel geweest en nooit afgebouwd. Het staat al een tijd leeg omdat het vanaf 2006 in een rechtszaak illegaal is verklaard. Sinds begin 2014 is in hoger beroep door 3 rechters besloten dat de bouw toch legaal was en is en dat de zaak kan worden afgebouwd. De rechters zijn inmiddels beschuldigd van corruptie.

De lokale bevolking van Carbonera, waar grote werkloosheid heerst, willen dat het hotel opengaat. Zij zijn bijna op de vuist gegaan met Greenpeace mensen, die het hotel gekraakt hadden.

Greenpeace vond het namelijk een schande dat dit kan gebeuren en dat zelfs de overheid, na al jaren geleden besloten te hebben het af te breken, nog steeds niets doet. Daarom heeft Greenpeace er in een actie met grote letters “HOTEL ILEGAL” op geschilderd.

Nu is er kennelijk wel iets aan de hand, want

Greenpeace maakt zich kwaad

Greenpeace maakt zich kwaad

Hoe legaliseer ik een hotel.....

Hoe legaliseer je  in Spanje een hotel…..

de “i” van illegal is weer weg. Wie weet wat hier nog gaat gebeuren….


Doyleguides: businessmodel van de uitgever nieuwe stijl; de “agregator”

index.8index.7Doyleguides site lobby.

Chris Doyle heeft van zijn hobby een prachtig businessmodel gemaakt!

Hij vaart met zijn catamaran jaar in jaar uit de Carieb rond en bekijkt en spreekt alle lokale haventjes, mooring eigenaren en beach bars en winkeltjes. Hij publiceert 4 gidsen (voor de 4 verschillende Caribische zeilgebieden: Leeward Islands, Windward Islands, Trinidad-Tobago en The Virgin Islands), die je online en in alle watersportwinkels in de Carieb kunt kopen.

Hij is dus zijn eigen uitgever (vergelijk met het boek “Business Model Generation” waaraan The Bridge ook nog heeft bijgedragen)

De gidsen zijn echt heel goed en op een entertaining manier geschreven, inclusief tips over veilig navigeren, goede ankerplaatsen, wel of niet te vertrouwen boatboys. Maar ook over waar je lekker eten, goede bakkertjes en mooie strandjes vindt.

Maar: Het businessmodel is meer dan dat van de uitgever. Hij plaatst advertenties van allerlei kleine ondernemertjes (dezelfde boatboys, vissers, beach-bars die in het boek een goede recensie krijgen natuurlijk) en van watersportketens in de Carieb. Hij is dus geliefd bij de meeste mensen die jou helpen en ze kennen hem allemaal. Handig gedaan!

Tegelijk zorgt hij voor up to date informatie in zijn gidsen door user generated content. In de gids staan namelijk ook beschrijvingen en recensies van andere zeilers, die recenter ergens geweest zijn dan Doyle zelf. Veel mensen doen dat van harte omdat ze het gevoel hebben bij te dragen aan informatie die belangrijk en nuttig is voor medezeilers. Community management!

Tenslotte heeft hij ook een mooie website, waar allerlei updates van zijn gidsen te vinden zijn, ook weer met user generated content. Als je de gids zelf niet hebt, heb je er weinig aan want de updates verwijzen steeds naar pagina’s in zijn gidsen. Zo koop je de gids dus wel….

Een mooi voorbeeld dus van wat Disney het “agregator business model” noemt. Een van de toekomstscenarios die Disney in 2009 schetste voor de mediawereld. Een uitgever wordt daarin niet de eigenaar en verspreider van zijn eigen content, maar een community-content manager. Je bent de plek waar een high-interest community samenkomt, offline en online. De content komt deels van jezelf, maar ook voor een groot deel van anderen in de community. Jij treedt op als filter en distributeur van informatie en je wordt daarin beschouwd als trusted party door je community.

Je verdienmodel bestaat uit een mix van gebruikersfees (lees: de prijs van de gidsen in dit geval) en targeted advertising. Omdat je heel gericht en intensief een high interest doelgroep bereikt, die misschien wel wereldwijd verspreid zit, biedt je een podium aan adverteerders die anders deze doelgroep niet goed kunnen bereiken. Precies wat Doyle doet dus.

Grappig om te zien dat Doyleguides dit al meer dan 15 jaar doet en Disney het in 2009 nog als scenario zag….


Water aan boord als verdienmodel

Water is schaars op de kleine eilanden, hoeveel het soms ook kan regenen. Er is nl. ook een lange droge tijd (die nog niet is begonnen dit jaar trouwens, we hebben vaak een tropische bui of 2-3 per dag, maar die duren maar 10 minuten en daarna is alles snel weer droog).

Op Mayreau heeft Dennis (de zelfbenoemde “eilandkoning”) een grote watermakerplant gebouwd waar iedereen water van kan kopen. Yachties ook maar dan moeten ze wel bij de veerbootsteiger kunnen komen waar het voor ons te ondiep was. Watermaker aanzetten dus.

Op Bequia is Daffo een slim businessmodel gestart met haar Daffodil Yacht Services. Deze onderneemster heeft 2 gele boten rondvaren door de baai die je kunt oproepen per VHF. Zij hebben grote diesel- (niet echt betrouwbaar) en drinkwatertanks aan boord en pompen de door jou gevraagde hoeveelheid graag tegen betaling over in jouw tank.

Het water blijkt zij in te kopen van de lokale bewoners, die allemaal een regenopslagtank hebben om de droge tijd te kunnen overbruggen. Soms hebben ze teveel (als het veel regent bijv) en dan komt Daffo dat graag halen. De marge die ze maakt ken ik niet maar dat zal wel goed zitten….We hebben het water niet gedronken toen we dit wisten, maar voor douchen en afwassen was het natuurlijk prima,

Haar boatboys die de tankbootjes besturen verdienen in ieder geval niet veel. Ze lopen in kleren vol gaten en de man die ons hielp met watertanken  zat tijdens het pompen te vissen. Hij ving gewoon even 3 vissen voor het avondeten met zijn moeder, zo vertelde hij.

Daffo's waterboot naast de Winsurf van Marianne

Daffo’s waterboot naast de Windsurf van Marianne en Peter


Mooring als verdienmodel

Een mooring (in het Frans “Corps mort”….) is een interessant bezit in the Grenadines. Misschien elders ook, maar in Bequia hebben we het het best gezien. Verschillende particulieren of bedrijfjes hebben er moorings (boeien waaraan je je boot kunt vastmaken zodat je niet hoeft te ankeren. Daar betaal je wel voor natuurlijk, ca 50-80 EC per nacht (15-20 euro). Eerst komt er een bootje (of twee, drie) naar je toe als je de baai binnenvaart; zij bieden je allemaal aan te helpen bij het vinden en vastmaken aan een mooring die zij “beheren” voor de eigenaar. Als je hun diensten gebruikt, verwachten ze wel een fooi (5EC minimaal = 1,3 euro) voor de hulp. Later komen ze dan terug of komt de eigenaar om echt af te rekenen. Van de opbrengst gaat 20 EC naar de “aanbrenger” in het bootje, zo hebben we begrepen. Leuke manier om je geld te verdienen, want met 60 EC per dag komen deze mensen wel ongeveer rond, schat ik.

De eigenaar van de mooring doet helemaal niets voor zijn geld, behalve de eenmalige investering in de boei, een lijn of ketting en een blok beton op de bodem. Vaak roesten de kettingen en harpen door of schavielen de lijnen waardoor zo’n mooring niet altijd even betrouwbaar is. Onderhoud gebeurt niet. Als een mooring op drift raakt (met jouw boot eraan ) is dat jouw probleem. Daarna beslissen ze wel weer of ze op dat moment geld hebben om in een nieuwe te investeren.

We hebben de eerste keer op Bequia meegemaakt dat de aanbrenger ons aan een andere mooring wou hebben dan wij wilden. Uiteindelijk hielp hij ons toch, inde het geld voor de nacht en later bleek dat hij helemaal niet het recht had dat te doen. Degene die op de mooring paste kwam ook nog een keer geld halen namelijk…. We hebben toen gezegd dat ze maar samen moesten terugkomen om het uit te leggen. Dat gebeurde natuurlijk niet, maar de volgende dag hebben we de echte eigenaar gesproken die bevestigde dat het eerste mannetje dat niet had mogen doen; geld heeft hij van hem nooit gezien maar hij nam het ons niet kwalijk.


ARC businessmodel deel 4: de finale

Zoals al een paar keer eerder beloofd: Het verrassende van het businessmodel van WCC (World Cruising Club) , het bedrijf dat de ARC organiseert en exploiteert, zit in de staart.

We hebben al 3 modellen gezien in eerdere berichten op deze site (kijk nog maar eens terug onder de categorie “nautische businessmodellen”). Allemaal gericht op verschillende doelgroepen met een eigen belofte, diensten en verdienmodel. En allemaal binnen 1 bedrijfje met 11 man personeel.

Het laatste model is de integratie van deze proposities en biedt voor elke doelgroep iets. WCC is hier een uitgever en webshop-exploitant die gebruik maakt van zijn database met deelnemers en alumni van hun zeilrallies. Zij geeft een goed leesbaar blad uit voor hen onder de naam “Latitudes”, dat 4 maal per jaar verschijnt en waarin de bestemmingen en leveranciers weer kunnen adverteren. Daarnaast is er op de website van WCC door deze adverteerders met banners extra aandacht te krijgen en zijn de sponsors ook welkom om hier hun naam tegen betaling (waarschijnlijk) te vermelden. Op de site kunnen zeilers ook online boeken en kaarten bestellen. Dat is geen eigen webshop van WCC maar de exploitatie wordt onder WCC naam uitgevoerd door een goede Engelse nautische boekhandel/webshop. Schoenmaker, blijf bij je leest is het credo van Andrew Bishop en dat is heel goed doordacht, denk ik.

Er is ook een “marktplaats” voor tweedehands spullen en apparatuur voor oceaanzeilers. Daar kun je als geregisteerde deelnemer gratis je advertentie plaatsen en bereik je direct een relevante doelgroep voor jouw overbodig geworden spullen als je oversteek voltooid is en je stopt met grote tochten bijvoorbeeld.

Een andere website die WCC exploiteert is http://www.noonsite.com . Dat is een heel mooi staaltje van crowdsourcing. Je vindt er o.a.beschrijvingen van havens en zeilgebieden en nieuws over veiligheid, waarin actuele ervaringen van zeilers de hoofdrol spelen. De site draait weer op advertising (bescheiden) van ARC sponsors en adverteerders.

Leuk is vooral dat dit “uitgeversmodel” helemaal dienstbaar is aan het primaire doel van WCC: de zeiler helpen zijn droom te realiseren. Chapeau voor de man die dit bedacht eb grootgemaakt heeft. Ik had het zelf wel willen zijn….

Businessmodel 4: de integratie van de modellen 1 t/m 3

Businessmodel 4: de integratie van de modellen 1 t/m 3


Het derde businessmodel van de ARC….voor de suppliers

Daar komt het derde businessmodel. Als je goed oplet lijkt het wel op het tweede businessmodel (zie bericht van 1 week geleden). Toch zie ik een belangrijk verschil. Voor die groep (de tourist boards en havens) is “traffic generation” het belangrijkste produkt van de ARC. Dat is anders voor de suppliers. Denk je eens in: je bent Raymarine (de grootste leverancier van navigatieapparatuur voor jachten) of je levert heel speciale apparatuur voor lange afstandzeilers zoals een watermaker of een windgenerator o.i.d. Wat wil je dan wel en niet?

  • Wel:positief in het nieuws komen met de goede ervaringen van ARC-zeilers met jouw produkten en service
  • Wel: directe feedback krijgen van echte klanten (die je anders nooit ziet want je levert via allerlei schakels in de keten)
  • Niet: reputatieschade door berichten over slecht functionerende spullen van jouw merk

WCC heeft dit feilloos begrepen. Het produkt is hier niet “traffic” maar “access” .

business model 3: voor de suppliers

business model 3: voor de suppliers

De leveranciers krijgen dan ook allemaal de kans de zeilers te ontmoeten door:

  • sponsoring van een feestje of borrel in Las Palmas voor de start
  • een “passepartout” waarmee ze alle steigers op kunnen om met zeilers te praten en hen te helpen met de apparatuur (dit passepartout moet gekocht worden van WCC, zo heb ik van een leverancier gehoord)

Wat gebeurt er vervolgens: Als deelnemer krijg je bezoek van wel 10 verschillende leveranciers die je helpen en soms zelfs gratis spullen uitwisselen die niet werken (ook al is de garantie verlopen). Wij kregen zo een nieuwe set Raymarine Lifetags geïnstalleerd voor niets.

Waarom doen deze bedrijven zo vrijgevig? Elk jaar publiceert het leidende zeilblad Yachting World een serie artikelen waarin de ervaringen van ARC zeilers met hun apparatuur wordt beschreven en van een vergelijkende score voorzien. Daarin wil iedere fabrikant natuurlijk hoog eindigen en geen schade lijden door slechte beoordelingen. Een beetje inspelen op angst dus…..

Vervolgens zijn er nog andere leveranciers van diensten (verzekeraars, transporteurs die je schip kunnen terugbrengen naar Europa als je dat zelf niet wilt of kunt) en kleine specialisten uit UK en andere landen (tuigers, installateurs van SSB radios en satelliet telefoons bijv.) die een paar weken in Las Palmas neerstrijken en daar 4 tot 5 maal zoveel omzet maken als in een heel seizoen in hun eigen land. Ook deze groepen moeten “betalen” om de steigersop te kunnen en hun klantjes te vinden….

WCC maakt dus handig gebruik van haar “bezit” van alle klantinformatie en de toegang die je via hen kunt krijgen. Heel goed gedaan en uitgevoerd.


Het tweede businessmodel van de ARC: traffic generation

In het bericht van gisteren werd het al enigszins duidelijk: De zeiler is maar 1 van de doelgroepen van WCC (het bedrijf/de club achter de ARC).

Maar wel de belangrijkste want de zeiler is waar het allemaal om draait. Zijn plezier en beleving zorgen voor de goede reputatie van de ARC op basis waarvan de inschrijvingen voor 2014 al weer vol zijn als de ARC rally van 2013 nog maar net afgelopen is.

Een hoogtepunt van klantgericht ondernemen kun je dit wel noemen, want zeilers zijn eigengereid en niet gemakkelijk zo tevreden te krijgen.

Dat heeft met de value te maken die je krijgt. Ondanks een bescheiden inschrijfgeld (zeker als je boot niet te groot is) krijg je heel veel emotionele en tastbare waarden, dat zagen we gisteren.

Maar nu: Wie is degene die bereid is om wat bij te dragen aan het opbrengstenmodel van WCC dat m.i. met alleen de zeilersbijdragen niet rond te krijgen is?

De eerste groep die daartoe bereid is noem ik de “bestemmingen” of (voor Andrew Bishop) de  “service providers”. Dat zijn:

  • de jachthavens van vertrek (Las Palmas de Gran Canaria en IGY Marina Rodney Bay op Saint Lucia)
  • de locale Tourist Boards van deze 2 eilanden
  • de jachthavens die “op weg liggen” van NW Europa naar de Canarische eilanden en waar 80% van alle deelnemers wel langskomt.

Deze organisaties/bedrijven zijn maar wat blij met de stroom kapitaalkrachtige bezoekers (zeilers met mooie boten en meestal wel wat te verteren). Zij zijn daarom bereid om een bijdrage te leveren aan het model van de ARC; naar mijn inschatting op de volgende manier:

  • de Tourist Boards sponsoren feestjes voor de deelnemers en zorgen voor veel locale aandacht voor de ARC. In het centrum van Las Palmas hingen overal op straat banners over de ARC bijvoorbeeld. Mogelijk betalen zij ook een fee achteraf op basis van gebleken toeristischeen andere bestedingen van de deelnemers. Wij moesten in ieder geval een enquete invullen voor de ARC over onze bestedingen in Las Palmas (horeca, overnachtingen, proviand en drank voor onderweg, watersportartikelen en diensten zoals motorbeurten, zeilmakers e.d.) en dat is vast en zeker bedoeld als onderbouwing van de waarde die de ARC komt brengen voor de stad/regio (hoeveel dit voor de lokale winkeliers en horeca in het laatje brengt).
  • De jachthavens van vertrek en aankomst krijgen natuurlijk “zomaar” een paar duizend overnachtingen van bezoekende jachten in hun schoot geworpen. Dat is ook wel wat waard! Ze geven de deelnemers weliswaar een paar dagen gratis liggeld en voor de rest van hun verblijf een leuke korting (15%) maar er is natuurlijk altijd nog een geweldige extra opbrengst t.o.v. een exploitatie zonder ARC. En dat is heel wat waard voor hun type exploitatie met meerendeels vaste kosten en dus een grote afhankelijkheid van de bezettingsgraad! Ik denk dat ze naast de kortingen aan de deelnemers ook wel een percentage aan de ARC afdragen van al deze liggelden….Voor ons geen probleem, wij merken het niet.
  • De goede en geschikte  jachthavens “onderweg naar Las Palmas” worden geselecteerd door WCC en krijgen de gelegenheid om deelnemers te trekken naar hun haven op de reis naar de start. De meeste deelnemers trekken er wel een paar maanden voor uit om van NW-Europa naar de Canarische eilanden te komen en dat zijn heel wat potentiële overnachtingen in jachthavens. De geselecteerde havens geven de deelnemers leuke kortingen (10-20 en soms zelfs 50%) op de overnachtingsprijs en zo heb je als zeiler/deelnemer het gevoel dat WCC je helpt om je eigen inschrijfgeld terug te verdienen! Maar ook hier is meer aan de hand, denk ik. De geselecteerde jachthavens hebben allemaal een mooie ARC vlag, maar ook een excel van WCC gekregen met daarin de lijst van alle deelnemende boten. Handig voor hen en voor de zeilers als ze zich melden bij het havenkantoor want ze zijn al bekend. Maar ook hier verwacht ik dat WCC dat excelletje graag terug wil hebben met daarin ingevuld hoeveel overnachtingen dat nu allemaal voor de haven in kwestie heeft opgeleverd. En ook hier zal een stukje van de opbrengst wel voor WCC zijn, denk ik. Gewoon slim bedacht en wij zeilers profiteren er alleen maar van.

Om dit allemaal goed te kunnen organiseren moet je, naast het “touroperator” maakmodel, een goed promotiemodel hebben (help de serviceprovider met het bereiken van de doelgroep) en goed database management (weten wat jouw klantengroep, de zeilers, allemaal besteedt en zo mogelijk waar en waaraan dat besteed wordt). Een duidelijk andere competentieset dus.

Het lijkt wel wat op het Ryanair model maar het grote verschil is dat de reiziger daar geen “klant” meer lijkt te zijn maar het “produkt” (dat Ryanair aan zijn echte klant, de serviceprovider,  komt brengen om daar geld uit te geven). Dat is bij WCC beslist anders: je hebt als deelnemer altijd de beleving dat het om jou gaat en dat jouw plezier bovenaan staat. Dat moet ook zo!

business model 2 van de ARC: voor de bestemmingen

business model 2 van de ARC: voor de bestemmingen


de ARC: 4 elkaar versterkende businessmodellen in 1 organisatie

Het is bewonderenswaardig hoe de organisatie achter de ARC, “World Cruising Club” (afgekort WCC) , opereert. Met 11 mensen in vaste dienst en tientallen freelancers (geen vrijwilligers overigens, maar betaalde krachten op projectbasis) organiseert deze Club, meer dan tien zeilrallies per jaar. Daarvan is de ARC met meer dan 240 deelnemers wel de grootste.

Eigenlijk is dit helemaal geen club maar een Ltd (een soort BV) die gewoon geld verdient. Andrew Bishop is managing director en tegelijk eigenaar.

De 4 businessmodellen die daarbij worden gebruikt worden de komende dagen elk in een aparte post op deze site belicht. Daarna zal duidelijk worden hoe deze modellen (met elk hun eigen doelgroep en “maakmodel” en verdienmodel) in elkaar grijpen en elkaar versterken.

Na het gesprek met de managing director Andrew Bishop zijn nog niet alle geheimen boven water gekomen maar wel zijn een groot aantal van mijn inschattingen en vermoedens bevestigd.

Het belangrijkste (eerste) model is gericht op de zeilers als doelgroep en heb ik al in een eerder bericht enigszins toegelicht. Andrew is er erg kien op dat de zeilers ook echt overtuigd zijn dat de organisatie er primair voor hen is en daarbij ook een hoog clubgehalte uitstraalt. “We want to help sailors realise their dreams. Especially those sailors that would probably not dare to so on their own” (citaat van Andrew Bishop en eigenlijk de missie van World Cruising Club).

Daarin slaagt hij met zijn organisatie heel goed en de meeste deelnemers hebben, net zoals wij, veel lof voor de manier waarop dit gebeurt. Professionele ondersteuning gecombineerd met veel feestjes en uitjes in de vertrek- en aankomsthavens waardoor je ook veel andere zeilers leert kennen die dezelfde droom waarmaken. Uit meer dan 20 landen van de gehele wereld. Daar komen zeker een paar goede nieuwe vriendschappen uit voort. Maar ook de voorpret wordt goed gemanaged. Vanaf je inschrijving (maanden tevoren) krijg je e-mails, nieuwsbrieven, tips en uitnodigingen voor bijeenkomsten. Net als een professionele reisorganisatie eigenlijk, maar dan met een heel specifieke doelgroep en met heel gerichte diensten.

Het kan echter niet zo zijn dat die gehele organisatie betaald wordt door de inschrijfgelden van de deelnemers. Die zijn daarvoor gewoon te laag. De andere 3 businessmodellen (met andere doelgroepen) met hun eigen inkomstenstromen maken dat mogelijk maar Andrew wil niet dat deze teveel aandacht krijgen. Het clubgevoel bij de zeilers is belangrijker dan winst en business genereren voor andere partijen, zo stelt hij. Uiteindelijk zal de waarheid wel in het midden moeten liggen want ook WCC moet uiteindelijk winst maken om gezond te blijven en te kunnen groeien.

In het volgende plaatje (op verzoek in PDF beschikbaar) heb ik de belangrijkste ingrediënten van dit model op een rijtje gezet. De grafische weergave is anders dan bij The Bridge gebruikelijk is en ook niet volgens het model van Osterwalder, maar m.i. goed inzichtelijk voor iedereen:

model 1"voor de zeilers

model 1″voor de zeilers

s


Het mysterie ontrafeld: het businessmodel van de ARC werkt!

Na de finish sprak ik bij ons aan boord een uurtje met Andrew Bishop, managing director van World Cruising Club en eigenaar van het bedrijf(je) dat daar achter zit.

Binnenkort op deze site: Hoe creeërt deze man waarde voor alle stakeholders : zeilers, havens, leveranciers en tourist boards? Welke mix van verdienmodellen zit hierachter? Hoe runt deze man dit bedrijf met 11 man en 3 verschillende businesses dor elkaar? Blijf kijken op de site en je zult het leren…..


Pastelleria gebruikt Sanifair verdienmodel!

Hoewel niet nautisch, toch een leuk voorbeeld van een “proudly stolen” verdienmodel. In Orotava, een mooi oud stadje aan de Noordkant van Tenerife, dronken we een heerlijke cafe con leche met een taartje erbij op het terras van de plaatselijke pastelleria (patisserie) Lopez Echeto. De eigenaar is vast en zeker langs de Duitse autobahn een paar keer naar de WC geweest en heeft daar het verdienmodel van Sanifair gezien: eerst 50ct betalen, dan mag je de WC gebruiken. Met het bonnetje dat je krijgt kun je voor 50ct iets in de shop kopen. Maar je koopt natuurlijk altijd iets dat meer kost en at je anders misschien niet gedaan had. Deze man had dus zijn WC helemaal achterin de zaak aangelegd zodat je langs alle lekkernijen liep en, na de ontdekking van de Sanifair-truc, al bijna wist wat je zou gaan kopen en consumeren. Goed gedaan!

Pastelleria met Sanifair model

Pastelleria met Sanifair model


Tussendoortje: Nautisch “non-businessmodel”

Ter onderbreking van de serie over het businessmodel van de ARC, kan ik het niet laten hier het “non-businessmodel” van Puertos Canarios te beschrijven. Eigenlijk zou de naam “Puertos Kafkanarios” hier beter op zijn plek zijn…..

Een kleine uitleg: Er is op de canarische eilanden een aantal havens, die in het bezit zijn van de overheid. Puertos Canarios (www.puertoscanarios.com) beheert deze havens, waarvan ook een aantal jachthavens (puerto deportivo). Om de eer te hebben van zo’n haven gebruik te kunnen maken, moet je een verzoekschrift per fax indienen, waarbij duidelijk is welke datum je aankomt en vertrekt, van waar je komt en waarheen je weer vertrekt en nog een groot aantal gegevens over je schip. Daarnaast moet je kopieën van de paspoorten van alle opvarenden, je scheepspapieren en je verzekeringsbewijs meefaxen. Handig als je aan boord alleen wifi van de haven hebt….

Maar geen nood: je kunt ook e-mailen.Het emailadres dat op de site staat klopt niet, maar daar kom je vanzelf achter.

Nu komt het leukste: de centrale organisatie ontvangt deze faxen en mails en stuurt ze, ongetwijfeld op basis van het “last-in, first-out” principe (want zo gaat dt al je eerst alles uitprint en dan van boven de stapel papier begint…) door naar de havenmeester van de haven waarover je verzoek gaat. Deze stuurt de centrale bericht terug als er plaats is (wat er gebeurt als er geen plaats is, wordt niet duidelijk….).

Als het de centrale behaagt, krijg jij vervolgens antwoord (per mail zelfs!) dat er plek is en dat je kunt vertrekken. Op hun website staat het niet letterlijk, maar we hebben begrepen dat zij wettelijk 15 werkdagen de tijd hebben om naar jou te reageren.

Dat werkt natuurlijk niet heel erg soepel als je van weer en wind afhankelijk bent. We hebben dit systeem 1 keer succesvol gebypassed doordat we in een pilot het (illegale) hotmailadres van de lokale havenmeester wisten te vinden. Van hem kregen we direct antwoord en toen we op Isla Graciosa aankwamen , stonden we keurig op het lijstje van de security guard die ons opving. De havenmeester zelf was na 14.15u niet meer aanwezig hoewel we hem later wel op een terrasje aan het bier vonden.

Een volgende keer werkte het weer anders: In Gran Tarajal kregen we een plaatsje door tevoren te bellen met de havenmeester, wiens nummer zomaar op de site van Puertos Canarios te vinden was! Het per mail gedane officiële verzoek werd zelfs beantwoord, alleen nadat we er al weer weg waren….(zie de bijlage: ze verstrekten toestemming op 11 oktober om er van 8-11 oktober te mogen zijn).

Het langzame leven is een prima uitvinding, maar geld verdienen gaat zo niet gemakkelijk voor een havendmeester…. Elke Puerto Canario van de overheid krijgt namelijk alleen geld voor onderhoud beschikbaar uit zijn eigen inkomstenstroom. Maar ach, je hebt tenmiste een baan . ziehier de triomf van het systeem: aurora permissie Gran Tarajal


Het “oer-businessmodel” van de ARC (deel 3 van het vervolgverhaal)

samen opvaren

feestjes

small_ARC2011_start_Destiny

samen opvaren

small_safety_liferaft_demo2

trainingen, o.a. safety

 

 

 

 

 

 

 

De Atlantic Rally for Cruisers is ooit in 1986 opgezet door Jimmy Cornell, een ervaren Engelse zeezeiler. In zijn eigen woorden (zie http://www.worldcruising.com/arc/Rallygeneral.aspx):

“Rallies are about crossing oceans with friends; feeling confident and prepared on departure day; having support and friendship at sea; and providing a welcome to salute your achievement on arrival”

Zijn doelstelling was om een grotere groep zeilers met vertrouwen het avontuur te laten beleven van een grote oversteek. Daarvoor richtte hij de World Cruising Club op.

Als deelnemer aan de ARC (of één van de andere rallies die zij organiseren) betaal je:

– een deelnemersfee van enkele honderden euro’s

– een fee per deelnemend bemanningslid (de eerste 2 plekken meestal inbegrepen in de deelnemersfee)

Wat krijg je daarvoor? In hun woorden het volgende:

• a skipper’s handbook and regular newsletters
• discounted docking before the start and after the finish
• seminars and safety demonstrations before the start
• social activities in the start and finish ports
• rally flag
• intra-yacht SSB radio net during the rally
• automatic satellite tracking of yachts
• daily email weather forecast
• Online posting of yacht blogs and photographs

Dit zijn de “instrumentele voordelen” die je krijgt. Belangrijker is het gevoel van veiligheid en saamhorigheid doordat je met deze organisatie samen opvaart met meer dan 200 andere zeiljachten en eventuele hulp of morele ondersteuning altijd in de buurt is. Maar: je bent en blijft primair helemaal op jezelf aangewezen en mag niet rekenen op anderen, die na een dag of 2 al achter de horizon verdwenen zijn. Dit is dus vooral een emotionele waarde die kennelijk best wat waard mag zijn (getuige de 240 inschrijvingen).

Het lijkt op het eerste gezicht dus een simpel transactiemodel: je betaalt voor toegang tot een rally met een aantal voordelen. En de prijs is niet eens zo heel hoog als je ziet wat je ervoor krijgt.

Maar, zoals al bleek in de eerdere berichtjes over de ARC, er zit iets slimmers achter. Volgende keer meer.


Het businessmodel van de ARC (deel 2)

FEE FOR TRAFFIC:

We zijn nu even 3 weken in Nederland. De boot ligt in Oeiras, vlak buiten Lissabon. We lagen daar al een goede week te genieten van zee,strand en zwembad en gingen vandaar met trein en bus naar Lissabon, Cascais en Sintra.

Waarom hebben we voor deze haven gekozen:

– omdat het veilig is om je boot er achter te laten, denken we (24 uur bewaking)

– omdat het een heerlijke en goed verzorgde haven is, met gratis verse broodjes en entree naar het naastgelegen zeewaterzwembad met ligstoelen….

– omdat het handig is (vlakbij Lissabon, snel en eenvoudig naar en van het vliegveld)

– omdat het ook nog eens goedkoop is voor ons, dankzij de ARC!

De ARC organisatie regelt voor haar deelnemers kortingen bij verschillende jachthavens onderweg van NW-Europa naar de Canarische eilanden. Zo krijgen we in Oeiras 50% korting op hun normale tarief en liggen we hier voor 22 euro per nacht.

In de iets meer dan 3 weken die de boot hier zal liggen “besparen” we zo een paar honderd euro t.o.v. andere havens of wanneer we niet ARC-deelnemer waren. Voor je gevoel verdien je zo een stuk van je ARC-inschrijfgeld direct terug….en hebben we nog 1 van de mooiste haven van Lissabon en omstreken ook voor de dagen dat we er wel zijn!

De marina verdient ook want ze krijgt meer bezoekers die veelal langer blijven. Er liggen nog zeker 4 andere schepen met ARC vlag in de haven die waarvan de eigenaren ook even terug zijn gegaan. Endat is goed voor een business waar bezettingsgraad een sleutelfactor is!

De ARC organisatie zelf verdient er ook wat mee; ze krijgen voor elke boot met ARC-vlag een (onbekend…) percentage van het liggeld(dit lijkt op het Ryanair business model: we bring you traffic, you reward us…)

Zo is er in dit geval dus sprake van een win-win-win model, waarin wij als klanten natuurlijk gewoon alle wins van de anderen betalen. Maar laten we dat maar even vergeten….


broodjes als verdienmodel (revisited)

broodjes als service , geen verdienmodel...

broodjes als service , geen verdienmodel…

In Oeiras kregen we weer eens gratis verse broodjes als verrassing! Ze hingen in een zakje aan de railing toen we opstonden. Het lijkt hier wel Scandinavië  wat dat betreft. Alleen zit er geen slim model achter om je naar een winkeltje te lokken zoals daar vaker het geval was. Geen echt verdienmodel dus… Wel charmante service natuurlijk!


Het businessmodel van de Atlantic Rally for Cruisers: iedereen zijn eigen verdienmodel!

kaart van de Atlantic Rally for Cruisers

kaart van de Atlantic Rally for Cruisers

We hebben ons ingeschreven voor de ARC, the Atlantic Rally for Cruisers. Deze zeilrally (en wedstrijd voor wie wil) start in Las Palmas (Canarische Eilanden) en de finish is in Rodney Bay (Santa Lucia, Caribean). De tocht is ca 3000 mijl lang en trekt 240 deelnemers. Zie http://www.worldcruising.com/ARC .

Duidelijk is direct dat deze organisatie helemaal geen club is, maar een echte business, die je optimaal helpt te genieten van een -voor ons in ieder geval- spannende ervaring van een oceaanoversteek en daarmee geld verdient.

De World Cruising Club gedraagt zich echter naar de deelnemers als een echte club, die veel voor je regelt en bijzonder attent en adequaat werkt. En bovendien het contact tussen de deelnemers stimuleert zelfs voor je op de Canarische eilanden aankomt. Je krijgt bijvoorbeeld een grote vlag, die je, als clubstandaard, in je BB want kunt hijsen in dehavens die je onderweg aandoet. Zo zie je direct of er andere deelnemers in de haven liggen en heb je snel contact. Dat overkwam ons al eens in Camaret (bij Brest) en nu natuurlijk in la Coruna, wat echt een tussenstop is voor bijna iedereen die zuidwaarts vaart. We liggen nu aan de steiger met een Noor en tegenover ons ligt een Zweed die beide ook meedoen. Overigens: Onze echte clubstandaard hijsen we er natuurlijk wel boven!

Al snel ga je denken hoe deze WCC-organisatie haar geld dan verdient. De deelname kost je namelijk best een aardig bedrag, maar is ook goedkoop in vergelijking met een grote zeilwedstrijd, zeker als je ziet wat ze ervoor doen. In de komende tijd zal ik daarover meer vertellen. In ieder geval is duidelijk dat hier een mooi fijngeslepen verdienmodel is ontwikkeld voor de WCC organisatie maar ook voor veel andere stakeholders: iedereen lijkt te winnen. Kan dat? Let maar eens op!


Freemium is in de nautische wereld doorgedrongen

Of je nu een weerkaartje wil downloaden (meteocosult.fr; wetteronline.de), een trip-planning wil maken (predictwind.com), alle sites hebben het freemium business-model omarmd. Eerst een gratis basisdienst, die je goed op weg helpt. Maar al snel zie je dat je meer wilt en dan moet je betalen… Predictwind bijvoorbeeld laat je een mooie route plannen waarin je kunt opgeven wanneer je wilt vertrekken, welke boat-polars je wilt gebruiken, welke golfhoogte en windsterkte je maximaal wilt ervaren. En hij geeft je een route-advies gebaseerd op het GFS model of het model van het Canadian Met. Insitute. Maar dan kan het zijn dat het model je over het land stuurt…. Wil je dat vermijden, dan koop je de eerste upgrade. Dan kun je ook what-if scenario’s maken (als ik nu eens morgen vertrek of 4 uur later….?). Wil je ook de invloed van het getij (stroom) erbij, dan ben je alweer bij de volgend upgrade. Dat hebben we maar even niet gedaan. Hebben we zelf ook nog wat te rekenen.

Kijk maar eens op http://www.predictwind.com. Ze geven ook routeringsadvies voor de ARC route straks.

Maar dat krijgen we ook al van de organisatie.

 


Vents: de Letse manier om de participatie van toeristen te bevorderen

Als toerist kun je in Ventspils (wat “monding van de rivier Venta” betekent) geld verdienen! Je kunt op de site van het toeristenbureau (www.visitventspils.com) “vents” verdienen, een soort airmiles waarvoor je een online account krijgt. Dat doe je door bijvoorbeeld een vragenlijst online in te vullen met als titel “how ventspillish are you?” . Ook kun je “vents” verdienen door je eigen toeristische route of video online te zetten. De verzamelde punten geven je recht op korting of gratis toegang bij attracties of musea of in horecagelegenheden, dus stimuleren je tot meer toeristiche beleving en uitgaven.

Grappig trouwens om te zien hoe goed deze Baltische staten online ontwikkeld zijn. Overal is gratis internet in de havens, zelfs in Dirhami waar maar 1 vervallen steiger is en geen dorpje. In Ventspils zelf is breedband voor inwoners in de hele stad beschikbaar en in de bus was wifi voor abonnementhouders! Daarin lopen deze landen voorp t.o.v. zelfs Zweden, denk ik


Accountant PWC zoekt nieuw businessmodel, maar gevaar voor verslapping van focus ligt op de loer

In Kalmar (Zweden) zagen we een vreemd geval van diversificatie: PWC exploiteert hier kennelijk een reparatiewerfje voor jachten, compleet met hijskraan. Het lijkt me niet dat dit de focus op de kernactiviteit, die toch al onder grote maatschappelijke en bedrijfseconomische druk staat, te goede komt. Misschien kunnen Radboud, Wieger of William hierover opheldering verschaffen?


Broodjes als verdienmodel?

Opvallend in Scandinavië is dat verschillende havens een “verse broodjes service” bieden. De methoden om hieraan wat te verdienen verschillen nogal.

Zoals op de foto van Risör in Noorwegen te zien, kregen we de broodjes daar gratis als verrassing in de kuip toen we wakker werden. Leuke attentie!

In Lillesand (ook in Noorwegen) kregen we de broodjes bij het betalen van het havengeld cadeau (omdat ze er toch genoeg hadden, zeiden ze). Ook prima idee, maar net wat minder charmant.

In Hanö (in Zweden) deden ze het slimmer: je kreeg bij het betalen van je havengeld een bonnetje voor 1 broodje p.p. die je de volgende ochtend vers kon ophalen. En dan kon je er tegelijk wat extra’s bijkopen natuurlijk….  lijkt op het sanifair model?


Predictwind: Fremium businessmodel voor weerroutering

Leuke site voor weerroutering, gribfiles en pressure charts. Gratis toegang tot de basisfuncties, als je verslaafd raakt en meer wilt, moet je een abbonnementje nemen. Welke kleur heeft dit model in de verdienmodellengame van The Bridge?