Van Sciacca naar Levanzo
Op 29 juni varen we naar de Egadische eilanden, 60 mijl van Sciacca. Jammer genoeg alles op de motor. We pakken eerst en mooring bij de zuidpunt van Favignana, maar het is teveel lager wal. We verkassen om 18 uur nog 4 mijl naar Levanzo, waar we onder hoger wal kunnenliggen voor de nacht. Heerlijk rustig.
27 juni, onze trouwdag. We gaan op stap naar Agrigento
Het waait vandaag weer flink uit NW, precies de richting waar we heen willen. Dus huren we een Fiat Panda en rijden naar de vallei der tempels in Agrigento, waar we uren doorbrengen tussen de tempels van Zeus, Castor en PolluX, Heracles en van Concordia. Die laatste heeft een naam, die voortkomt uit een andere steen die in de buurt is gevondennen waarop het woord Concordia voorkomt. Maar eigenlijk is niet duidelijk aan welke God deze tempel ooit was gewijd.
Daarna rijden we naar Caltabelotta, een dorpje op 1000m hoogte in de bergen boven Sciacca en bijna helemaal middeleeuws. Het is jammer genoeg siëstatijd als we daar aankomen dus het is er doodstil.
In de avond gaan we heerlijk uit eten aan de vissershaven van Sciacca in de Bottega del Porto. Vis als antipasto, bij de pasta en als gedeeld hoofdgerecht een lokale vissoort, die we niet kunnen thuisbrengen (Praya?). Heerlijk allemaal

Welke vis was dit?

Dorische zuil




25 juni varen we langs de kust naar Sciacca
We besluiten toch te vertrekken om 10:00 uur, ondanks de flinke regen en onweersbuien vannacht. Er hangen nog wel wolken maar in het westen, waar wij naar toe willen, wordt het lichter. De voorspelling is goed, wel met langzaam toenemende NW wind in de loop van de dag en dan wordt het tegenwind.
Voorlopig varen we weg met heel lichte zuidenwind. De hele dag blijft de wind tussen zuid en zuidwest en we krijgen wel nog 2 flinke regenbuien over ons heen, waarin ook onweer zit. Dat was niet voorspeld! Maar, we kunnen wel zeilen. In de staart van de buien waait het mooi 13-15 knopen en we gaan ruim 8 knopen door het water en ove de grond. Ondanks het onweer en ondanks dat we voor het eerst in 3 jaar weer onze zeilpakken aanhebben, genieten we.


24 juni: terug naar Sicilië
Vandaag varen we 75 mijl naar Licata, veel motoren maar gelukkig is er midden op zee nog een tijd genoeg wind en zeilen we ca 25 mijl van de tocht. Om 06:30weg en om 17:30 aan. Mooi op tijd om nog even naar de supermarkt te gaan naast de haven in alles op te ruimen voor het donker wordt. In de nacht veel regen en onweer, zoals voorspeld.
Passagieren in Valetta, daarna naar Gozo
We blijven 3 dagen in Valetta, waar we bij Nicky en Rhona op vrijdagavond worden uitgenodigd voor een heerlijke barbecue “plus” in de tuin van hun appartement, met geweldig uitzicht op het oude Valetta. Wat hebben zij een mooi plekje en wat is het gezellig!



Op 23 juni varen we naar Gozo, waar we in de marina van Mgarr aanleggen. Het is er gezellig druk want het is zaterdag, dus veel Maltezen varen even naar Gozo. We kennen het al van vorig jaar maar toch leuk om weer terug te zijn.

Valetta
20 juni en 21 juni liggen we rustig in de haven van Msida. We nemen de bus naar de stad en lopen langs de nieuwe fontein over de Hoofdstraat. We bezoeken het Casa Rocca Piccola, een oude stadsvilla waar nog steeds een adelijke familie woont. Zij hebben een deel van het huis opengesteld voor het publiek en zo hoor je ook het een en ander van de historie van Malta door de verhalen van de gids over de eeuwenlange geschiedenis van het huis.
In de avond komen Ann, Nicky en zijn vrouw Rhona van Pearson College borrelen aan boord en gaan we bij het restaurant The Black Pearl eten. Dat is een oud schip dat na een wereldreis is gezonken in de haven van Valetta, later weer geborgen is en op de wal gezet om als restaurant gebruikt te woorden. Een eenvoudige maar zeer goede maaltijd wordt er geserveerd, O.a. Ravioli met kreeft (meer in de saus dan in de ravioli, maar wel erg lekker). Gezellige avond en we besluiten tot zaterdag te blijven omdat Nicky en Rhona ons uitnodigen voor vrijdagavond bij hen thuis. Dus is nu het plan om zaterdag naar Gozo te varen en zondag weer terug naar Sicilië.

19 juni: eindelijk varen, naar Malta

Aankomst Valetta
Vandaag is het, in tegenstelling tot de afgelopen week, bladstil. Maar nog wel een swell van 1 meter natuurlijk. We motoren 52 mijl naar Valetta, de hoofdstad van Malta.
Onderweg weinig actie, behalve het passeren van de shipping lane en af en toe checken van de motor, die direct uren aan het werk moet natuurlijk.
Bij het uitvaren van de haven in Marina di Ragusa worden we begeleid door een marinero in een rubberboot om te helpen de verzandingen in de haveningang te omzeilen. Vlak langs de pier was er toch nog meer dan 3 meter water, dus geen probleem.
In Valetta liggen we weer op dezelfde plek als vorig jaar, aan de breakwater bij de RMYC. Prima service en met uitzicht vanuit de kuip oude oude stad aan de overkant van de baai. We zijn best moe, eten heerlijk en drinken voor we gaan slapen nog een glaasje Limoncello.

De marinero wijst ons de route om de ondiepte heen bij het vertrek uit Marina di Ragusa
Een weekje Marina di Ragusa

Van 10 tot 17 juni liggen we in de jachthaven om de boot vaarklaar te krijgen maar ook noodgedwongen omdat de wind steeds hard uit het westen blijft. Niet echt lekker om te testen of alles nog werkt, mede door de flinke golven die dit oplevert.
We poetsen alles, checken de mast en hebben veel contact met Silvio en Antonella, die ons onder andere meenemen naar een bijzonder boekenfestival in Ragusa. Allerlei hedendaagse auteurs treden in de openlucht op. We horen een lezing van de hoofdredacteur van de Corriere della Sera over de slechte kanten van de nieuwe technologie en de opdracht om je mobiel vaker uit te zetten. Maar ook met een meer politieke lading.
Daarvoor eten we in een heerlijk Japans restaurant, weer eens iets anders!
10 juni: weer terug!
De boot ligt er weer goed bij, vers in de antifouling
We zijn er weer
Na bijna 6 maanden winterslaap is de boot weer wakker. Alles in orde vooralsnog 
zorg voor de boot….en gezelligheid
We doen nog allerlei klusjes, zoals
- het grootzeil van de giek halen en opruimen
- alle vallen en bakstagen etc. goed vrij opspannen, zodat de wind er geen vat op krijgt
- het anker extra zekeren met een lijntje (meer voor het gevoel)
Ook deden we wat verfraaïngsklussen: Marleen bracht nieuw antislip op de kajuittrap aan en samen schuurden we de wasboorden blank, zodat ze hopelijk mooi egaal grijs worden (teakhout).
We worden door Silvio en Antonella (onze “buren” in de haven tijdens het eerste jaar dat we hier waren) uitgenodigd om in hun appartement in Ragusa te komen eten.Het werd een uitgebreid diner met Sicilaanse gerechten, vergezeld door een mooie fles Ferrari Rosato la Perle. Wat een gastvrijheid!
23 oktober: Onstuimige zee tijdens de Mistral
Vandaag waait het boven de 30 knopen en is er zelfs in de haven nog beweging in het water. De boten liggen schuin alleen op hun masten want de wind giert van opzij (NW). Gelukkig liggen we mooi vrij van elkaar.
Met NW-wind is er eigenlijk weinig aan de hand, want je ligt hier dan aan de lijzijde van het land. Maar toch draait de wind langs de kust en de deining al helemaal. Dat levert mooie plaatjes op van de branding als we laat in de middag naar Donnalucata rijden en een stuk langs de -vrijwel verlaten- boulevard lopen.
Verse olijfolie, zo van de pers!
Op de terugweg van Caltagirone naar de kust roept Marleen plotseling “hier rechtsaf” terwijl de tomtom toch echt zegt dat we rechtdoor moeten. Er staat een bordje dat naar rechts wijst naar een Oleificio, waar op dit moment de verse olijven van het land worden aangevoerd en geperst. We lopen er binnen en kopen 3 liter, die voor onze ogen getapt wordt terwijl de pers erboven staat te draaien. Verser kan het niet! Nu nog zien hoe we dit naar Nederland vervoeren….
Gelukkig hebben we het in een blik laten tappen en niet in zo’n PET fles als op de foto!
13-27 oktober: de boot als vakantiehuisje
We kunnen het niet laten: even 2 weken terug naar de boot in de “herfstvakantie”.
Maar we hebben een goed excuus, want we moeten de boot nog winterklaar maken. Veel klusjes dus, zoals het servicen van 2 lieren, de buitenboordmotor en de binnenboordmotor (dat laten we doen). Ook halen we alle lijnen weer naar binnen. We gaan de bimini en het stuurwiel naar de zeilmaker brengen voor een stikbeurt resp. een nieuwe leren stuurwielhoes. Daar mogen ze de hele winter over doen.
Intussen vermaken we ons prima met fietstochtjes, praatjes maken met medezeilers en lekker eten en drinken.
We zeilen een middag met Silvio op zijn Jeanneau 439 en zien eens hoe een code zero erop staat. Heerlijk gevaren!
We maken ook uitstapjes met de huurauto, die we in de 2e week hebben. We gaan naar Caltagirone in het binnenland, wat een oude verbindingsstad is tussen Palermo en Zuid Sicilië. Ook deze stad is na de aardbeving in de 17 eeuw helemaal opnieuw in Barokstijl opgebouwd.
Windkracht 7 en meer in de haven
We liggen prima, terwijl de mistral flink doorwaait vandaag. Het is goed dat we hier wat eerder heen zijn gegaan want de komende dagen blijft de wind en de zeegang west of noordwest.
Het is wel heel mooi weer met een strakblauwe hemel en lekkere temperatuur. De boot als vakantiehuisje….

31 augustus: Terug naar Marina di Ragusa
Op 31 augustus varen we de laatste 60 mijl van deze zomertocht. We vertrekken om 08:15 na nog even goedkoop te hebben getankt. Om 17:45 varen we onze “thuishaven” binnen en worden we door de ormettagiore begeleid naar onze winterplek. Het voelt als thuiskomen: Leuk en tegelijk jammer dat we er weer zijn.

invaren van de jachthaven. Voor ons wijst de ormettagiore in zijn rubberboot de weg naar onze winterplek
Nog een weekje genieten van de leuke haven en het plaatsje, wat klussen en opruimen. En dan weer naar huis.
Maar eerst komen Jelle en Roelien, onze buren uit Naarden, met hun 2 kindere morgenochtend langs. Zij brengen hun vakantie door in Noto, niet ver van ons vandaan en het is wel zo gezellig om elkaar dan even te zien!
Syracuse en Catania: we zijn rond!
We varen van Taormina naar Syracuse, zo’n 45 mijl. We wilden eigenlijk naar Catania maar dat werd ons afgeraden door de mannen van George, onze mooring-man bij Taormina.
Dus gaan we verder naar ons bekende Syracuse, waar we om 18:00 aankomen en verder dus maar even niets meer doen. We zijn Sicilië rond, want hier begonnen we op 15 juni onze tocht naar Malta!
De volgende dag lopen we langs de ons vertrouwde plekjes, zoals de watersportwinkel, de markt met mooie verse vis en groenten, de mooie Duomo op basis van een oude Griekse tempel en, natuurlijk, ons favoriete terras met zicht op de baai en de zonsondergang. Geen slechte plek met een wijntje….
De volgende dag pakken we de bus naar Catania, want die stad willen we toch wel een keer zien. 1.5 uur in de bus is prima te doen en het OV is hier prima en goedkoop.
Catania is wel weer een heel andere stad dan we tot nu toe gezien hebben op Sicilië omdat het de hoofdstad is met een grote universiteit. Maar er zijn toch ook echt Siciliaanse dingen te zien, zoals de grote en heel drukke vismarkt, weer een Duomo met Normandische oorsprong, een groot kasteel van Frederick von Hohenstaufenn en, natuurlijk, veel pasticcerias en trattorias. En een heel mooi amfitheater uit de Romeinse tijd met alle gangen eronder nog vrijwel intact. In de middeleeuwen en daarna zijn er huizen bovenop gebouwd, die nu weer deels gesloopt zijn. Bijzonder!
We lunchen simpel maar prima op een terras naast het oude universiteitsgebouw voor de studentenprijs van 7 euro voor een goede pasta en 5 euro voor een halve liter wijn.
Ook bezoeken we het huis waar de componist Bellini opgroeide en woonde en waar je veel van zijn oude instrumenten en originele componistenboeken ziet.
Hoe mooi kan het zijn: Taormina en Castelmola
We blijven 3 nachten in de baai van Taormina. De eerste avond direct een prachtig uitzicht op een helemaal zichtbare Etna:
De tweede dag doen we niet veel. We zwemmen wat en varen met de dinghy naar het dorpje vlakbij, Giardini Naxos. Ooit was dit een Griekse nederzetting van het formaat van Syracuse, maar daar is niets van over. Wel een grappig Italiaans badplaatsje. We kopen weer wat verse spullen in.
De derde dag nemen we de bus via Taormina naar Castelmola, dat 7,5 km en een paar honderd meter hoger ligt. Een indrukwekkend ritje en een mooi oud plaatsje bovenop een steile berg. De burcht hier dateert ook nog uit de Griekse tijd maar is later door de Normandiërs helemaal veranderd. Met Milazzo samen was dit 1 van de sterkste verdedigingspunten van hen.
Terug op de boot zagen we blusvliegtuigen water innemen in de drijvers onder hun vleugels om daarmee een bosbrand op de helling van de Etna te blussen. Het lijkt gelukt, want we zien geen andere rook meer dan het pluimpje aan de top van de Etna zelf.
Tussen Skylla en Charibdis (voor de tweede maal)
Op 24 augustus verlaten we Milazzo weer. We hebben er ook genoten van lekker eten en we hebben mooie verse boodschappen gedaan bij plaatselijke kleine winkels. We vonden snel een goede slager, bakker en groentewinkel dus de supermarkt was eigenlijk niet meer nodig.

ingang van de straat van Messina. De toren op de voorgrond is Sicilië, achter de toren zie je het vasteland van Italië (Calabria)
De straat van Messina liet zich weer van haar vriendelijke kant zien. Toen we er in voeren was het bijna windstil, 3 mijl verderop kregen we wind mee en vanaf Messina zelf woei het 2o knopen van achteren. Met ook nog stroom mee ging dat dus lekker.

zwaarvissers met hun bijzondere tuigage. De schipper stuurt vanaf de masttop, de harpoenner staat op de boegspriet
Na Messina kwamen er sterke stroomrafels en kregen we lichte tegenstroom, maar nog altijd goede wind van achteren. Lekker zeilen dus. 5 mijl voor Taormina viel de wind helemaal weg terwijl je achter je de schuimkoppen nog kon zien. Volledig thermische wind dus.
Het laatste stuk deden we daarom op de motor en om de hoek van Taormina vonden we weer een goede mooring in het yacht hotel van George Rizzo, waar we inmiddels al voor de vierde keer zijn. Aan een boeitje, met uitzicht op de Etna en onder het amfitheater: wat wil je nog meer!
Milazzo: weer naar het “vasteland” van Sicilië
Na de Eolische eilanden varen we weer eens naar de kust van Sicilië zelf. het voelt alsof we naar het vasteland gaan, hoewel je nog steeds naar een eiland vaart natuurlijk. 17 mijl, alweer zonder wind.
Milazzo ligt op een heel smalle landpunt die een mijl of drie de zee in steekt en meer dan 100m hoog is. Alweer een strategische ligging dus.
Zelfs in de oudheid waren hier al burchten (van de Grieken, die het Mylae noemden), de Romeinen, de Noormannen en de Swaben (von Honhenstauffen). De burcht die er nu nog te bezoeken is, stamt uit de middeleeuwen en is gebouwd in opdracht van Frederik von H. De totale oppervlakte binnen de intacte muren misschien wel 2/3 van Naarden vesting. Alleen staan er nog maar een paar gebouwen overeind. Het is een imposant geheel, Hier is in ca 1860 de beslissende slag om Sicilië gewonnen door onze vriend Garibaldi met zijn 1000 man en begon de eenwording van Italië.
de vulkaan van Vulcano
We varen op maandag 21 augustus van Lipari naar Vulcano. Een wereldreis van 3 mijl op de motor. Het alternatief was 20 mijl op de motor naar het eilandje Filicudi, maar dat vonden we niet echt een leuk ideetje, ondanks dat Filicudi wel mooi en rustig schijnt te zijn. Dit in tegenstelling tot de eilanden waar we tot nu toe waren.
Vulcano (naar de naam van het eiland is het woord vulkaan ontstaan!) heeft nog een echt werkende vulkaan ook. En modder/zwavelbaden. We vinden een mooring bij marina di Vulcanello, waar we 2 jaar geleden ook al waren. Nu is het wat beter georganiseerd, twee broers hebben de zaak overgenomen.
De volgende dag huren we een mini Moke, een soort half-open jeepje op het onderstel van de oer-mini. Met originele 1098cc austin/morris motor erin natuurlijk. Het geluid is onmiskenbaar, tot en met de licht ratelende distributieketting.
We rijden eerst naar de voet van de vulkaan en beklimmen deze te voet (ca 320m omhoog, 45 minuten stevig doorlopen over de lavastenen). Boven kijk he de rokende krater in en heb je mooi uitzicht op de eilanden rondom.
Na de afdaling tuffen we in de Moke het eiland verder over, o.a. naar Gelso, een leuke kleine baai in het zuiden. Daar willen we wel ankeren morgen! Vooral omdat er een leuke trattoria zit in 1 van de 2 huizen die hier aan het water staan.
We rijdenook nog naar Capo Grillo, waar je weer een ander mooi uitzichtpunt hebt. Daarna rijden we terug naar het dorp aan de baai en leveren de Moke weer in. Op de boot even lekker zwemmen en daarna uitrusten.
Lipari: drukke toeristische plaats
We blijven 2 nachten hier. We laten de was doen (20 euro, opgehaald en thuisgebracht voor een grote lading).
Met de bus ben je ook zo in het plaatsje zelf, waar het wel erg vol is met landtoeristen. We wandelen de oude burcht op, waar het direct een stuk rustiger is.

de kathedraal van binnen. Geen Pantocrator deze keer, maar de kathedraal is dan ook helemaal opnieuw opgebouwd ver na de Normandische tijd
19 augustus varen we een toeristisch rondje
We gaan na het ontbijt op de motor naar de rotsen die in de oude krater liggen ten oosten van Panarea. Het is bladstil (geen wind, geen golven) en we kunnen de mooie rotsen goed bewonderen.
We varen daarna 10 mijl naar Lipari (terug naar het westen) en dobberen midden overdag een uurte of 2 rond, omdat we anders zo vroeg in de haven zijn (en dan is het nog erg warm, denken we).
We komen om 16:45 aan in de haven Pignatoro, waar we aan de steiger van EOLmare een plekje hadden gereserveerd. Alles klopt en we worden door 3 man sterk geholpen m: et aanleggen. Met wat zijwind is dat ook wel handig. We ontdekken ook direct waarom er tussen de zeiljachten veel ruimte wordt gelaten: de deinig van snelle motorboten en ferries loopt onder de drijvende steigers door en veroorzaakt een wild geslinger van alle jachten aan de steiger. Met alle risico’s van masten en zalingen die elkaar kunnen raken wanneer je niet genoeg afstand hebt tot elkaar. Maar dat gaat hier allemaal prima.
Later op de avond wordt het rustig als alle snelle boten verdwenen zijn en we slapen prima
Panarea: het jetset eilandje van de Eolische eilanden
We varen op 17 augustus weer weg uit Cefalu. We vertrekken om 08:00 uur want het is meer dan 50 mijl naar Salina, waar we willen ankeren. De hele dag zeilen we 2 uurtjes en de rest moet op de motor want de wind is weer heel weinig.
Bij Salina aangekomen blijkt het zo vol dat we besluiten om door te varen naar Panarea, nog 10 mijl verder. Daar is het ook wel vol, maar kun je nog wel een plekje vinden. We besluiten een mooring te pakken (eigenlijk 2, want je wordt allemaal in rijtje gelegd met achter en voor een mooring, zodat je niet tegen elkaar kunt draaien. Dit systeem kennen we nog van Corsica en Vulcano uit 2015 en het werkt prima als je maar beschut ligt). We hebben mooi uitzicht op de Stromboli in de verte, maar zien alleen wat rookpluimpjes en geen vonkenregen.
Op 18 augustus laten we ons door de beheerder van de moorings met zijn dinghy naar de wal brengen en we lopen door het mooi opgeknapte witte dorp. Mooie huizen en dure winkels, een soort Mustique met Ibiza door elkaar… Af en toe landen er ook helikopters en we zien dure schepen, o.a. de schoener Adela.


































































