Een weekje Marina di Ragusa

Van 10 tot 17 juni liggen we in de jachthaven om de boot vaarklaar te krijgen maar ook noodgedwongen omdat de wind steeds hard uit het westen blijft. Niet echt lekker om te testen of alles nog werkt, mede door de flinke golven die dit oplevert.
We poetsen alles, checken de mast en hebben veel contact met Silvio en Antonella, die ons onder andere meenemen naar een bijzonder boekenfestival in Ragusa. Allerlei hedendaagse auteurs treden in de openlucht op. We horen een lezing van de hoofdredacteur van de Corriere della Sera over de slechte kanten van de nieuwe technologie en de opdracht om je mobiel vaker uit te zetten. Maar ook met een meer politieke lading.
Daarvoor eten we in een heerlijk Japans restaurant, weer eens iets anders!
10 juni: weer terug!
De boot ligt er weer goed bij, vers in de antifouling
We zijn er weer
Na bijna 6 maanden winterslaap is de boot weer wakker. Alles in orde vooralsnog 
zorg voor de boot….en gezelligheid
We doen nog allerlei klusjes, zoals
- het grootzeil van de giek halen en opruimen
- alle vallen en bakstagen etc. goed vrij opspannen, zodat de wind er geen vat op krijgt
- het anker extra zekeren met een lijntje (meer voor het gevoel)
Ook deden we wat verfraaïngsklussen: Marleen bracht nieuw antislip op de kajuittrap aan en samen schuurden we de wasboorden blank, zodat ze hopelijk mooi egaal grijs worden (teakhout).
We worden door Silvio en Antonella (onze “buren” in de haven tijdens het eerste jaar dat we hier waren) uitgenodigd om in hun appartement in Ragusa te komen eten.Het werd een uitgebreid diner met Sicilaanse gerechten, vergezeld door een mooie fles Ferrari Rosato la Perle. Wat een gastvrijheid!
23 oktober: Onstuimige zee tijdens de Mistral
Vandaag waait het boven de 30 knopen en is er zelfs in de haven nog beweging in het water. De boten liggen schuin alleen op hun masten want de wind giert van opzij (NW). Gelukkig liggen we mooi vrij van elkaar.
Met NW-wind is er eigenlijk weinig aan de hand, want je ligt hier dan aan de lijzijde van het land. Maar toch draait de wind langs de kust en de deining al helemaal. Dat levert mooie plaatjes op van de branding als we laat in de middag naar Donnalucata rijden en een stuk langs de -vrijwel verlaten- boulevard lopen.
Verse olijfolie, zo van de pers!
Op de terugweg van Caltagirone naar de kust roept Marleen plotseling “hier rechtsaf” terwijl de tomtom toch echt zegt dat we rechtdoor moeten. Er staat een bordje dat naar rechts wijst naar een Oleificio, waar op dit moment de verse olijven van het land worden aangevoerd en geperst. We lopen er binnen en kopen 3 liter, die voor onze ogen getapt wordt terwijl de pers erboven staat te draaien. Verser kan het niet! Nu nog zien hoe we dit naar Nederland vervoeren….
Gelukkig hebben we het in een blik laten tappen en niet in zo’n PET fles als op de foto!
13-27 oktober: de boot als vakantiehuisje
We kunnen het niet laten: even 2 weken terug naar de boot in de “herfstvakantie”.
Maar we hebben een goed excuus, want we moeten de boot nog winterklaar maken. Veel klusjes dus, zoals het servicen van 2 lieren, de buitenboordmotor en de binnenboordmotor (dat laten we doen). Ook halen we alle lijnen weer naar binnen. We gaan de bimini en het stuurwiel naar de zeilmaker brengen voor een stikbeurt resp. een nieuwe leren stuurwielhoes. Daar mogen ze de hele winter over doen.
Intussen vermaken we ons prima met fietstochtjes, praatjes maken met medezeilers en lekker eten en drinken.
We zeilen een middag met Silvio op zijn Jeanneau 439 en zien eens hoe een code zero erop staat. Heerlijk gevaren!
We maken ook uitstapjes met de huurauto, die we in de 2e week hebben. We gaan naar Caltagirone in het binnenland, wat een oude verbindingsstad is tussen Palermo en Zuid Sicilië. Ook deze stad is na de aardbeving in de 17 eeuw helemaal opnieuw in Barokstijl opgebouwd.
Windkracht 7 en meer in de haven
We liggen prima, terwijl de mistral flink doorwaait vandaag. Het is goed dat we hier wat eerder heen zijn gegaan want de komende dagen blijft de wind en de zeegang west of noordwest.
Het is wel heel mooi weer met een strakblauwe hemel en lekkere temperatuur. De boot als vakantiehuisje….

31 augustus: Terug naar Marina di Ragusa
Op 31 augustus varen we de laatste 60 mijl van deze zomertocht. We vertrekken om 08:15 na nog even goedkoop te hebben getankt. Om 17:45 varen we onze “thuishaven” binnen en worden we door de ormettagiore begeleid naar onze winterplek. Het voelt als thuiskomen: Leuk en tegelijk jammer dat we er weer zijn.

invaren van de jachthaven. Voor ons wijst de ormettagiore in zijn rubberboot de weg naar onze winterplek
Nog een weekje genieten van de leuke haven en het plaatsje, wat klussen en opruimen. En dan weer naar huis.
Maar eerst komen Jelle en Roelien, onze buren uit Naarden, met hun 2 kindere morgenochtend langs. Zij brengen hun vakantie door in Noto, niet ver van ons vandaan en het is wel zo gezellig om elkaar dan even te zien!
Syracuse en Catania: we zijn rond!
We varen van Taormina naar Syracuse, zo’n 45 mijl. We wilden eigenlijk naar Catania maar dat werd ons afgeraden door de mannen van George, onze mooring-man bij Taormina.
Dus gaan we verder naar ons bekende Syracuse, waar we om 18:00 aankomen en verder dus maar even niets meer doen. We zijn Sicilië rond, want hier begonnen we op 15 juni onze tocht naar Malta!
De volgende dag lopen we langs de ons vertrouwde plekjes, zoals de watersportwinkel, de markt met mooie verse vis en groenten, de mooie Duomo op basis van een oude Griekse tempel en, natuurlijk, ons favoriete terras met zicht op de baai en de zonsondergang. Geen slechte plek met een wijntje….
De volgende dag pakken we de bus naar Catania, want die stad willen we toch wel een keer zien. 1.5 uur in de bus is prima te doen en het OV is hier prima en goedkoop.
Catania is wel weer een heel andere stad dan we tot nu toe gezien hebben op Sicilië omdat het de hoofdstad is met een grote universiteit. Maar er zijn toch ook echt Siciliaanse dingen te zien, zoals de grote en heel drukke vismarkt, weer een Duomo met Normandische oorsprong, een groot kasteel van Frederick von Hohenstaufenn en, natuurlijk, veel pasticcerias en trattorias. En een heel mooi amfitheater uit de Romeinse tijd met alle gangen eronder nog vrijwel intact. In de middeleeuwen en daarna zijn er huizen bovenop gebouwd, die nu weer deels gesloopt zijn. Bijzonder!
We lunchen simpel maar prima op een terras naast het oude universiteitsgebouw voor de studentenprijs van 7 euro voor een goede pasta en 5 euro voor een halve liter wijn.
Ook bezoeken we het huis waar de componist Bellini opgroeide en woonde en waar je veel van zijn oude instrumenten en originele componistenboeken ziet.
Hoe mooi kan het zijn: Taormina en Castelmola
We blijven 3 nachten in de baai van Taormina. De eerste avond direct een prachtig uitzicht op een helemaal zichtbare Etna:
De tweede dag doen we niet veel. We zwemmen wat en varen met de dinghy naar het dorpje vlakbij, Giardini Naxos. Ooit was dit een Griekse nederzetting van het formaat van Syracuse, maar daar is niets van over. Wel een grappig Italiaans badplaatsje. We kopen weer wat verse spullen in.
De derde dag nemen we de bus via Taormina naar Castelmola, dat 7,5 km en een paar honderd meter hoger ligt. Een indrukwekkend ritje en een mooi oud plaatsje bovenop een steile berg. De burcht hier dateert ook nog uit de Griekse tijd maar is later door de Normandiërs helemaal veranderd. Met Milazzo samen was dit 1 van de sterkste verdedigingspunten van hen.
Terug op de boot zagen we blusvliegtuigen water innemen in de drijvers onder hun vleugels om daarmee een bosbrand op de helling van de Etna te blussen. Het lijkt gelukt, want we zien geen andere rook meer dan het pluimpje aan de top van de Etna zelf.
Tussen Skylla en Charibdis (voor de tweede maal)
Op 24 augustus verlaten we Milazzo weer. We hebben er ook genoten van lekker eten en we hebben mooie verse boodschappen gedaan bij plaatselijke kleine winkels. We vonden snel een goede slager, bakker en groentewinkel dus de supermarkt was eigenlijk niet meer nodig.

ingang van de straat van Messina. De toren op de voorgrond is Sicilië, achter de toren zie je het vasteland van Italië (Calabria)
De straat van Messina liet zich weer van haar vriendelijke kant zien. Toen we er in voeren was het bijna windstil, 3 mijl verderop kregen we wind mee en vanaf Messina zelf woei het 2o knopen van achteren. Met ook nog stroom mee ging dat dus lekker.

zwaarvissers met hun bijzondere tuigage. De schipper stuurt vanaf de masttop, de harpoenner staat op de boegspriet
Na Messina kwamen er sterke stroomrafels en kregen we lichte tegenstroom, maar nog altijd goede wind van achteren. Lekker zeilen dus. 5 mijl voor Taormina viel de wind helemaal weg terwijl je achter je de schuimkoppen nog kon zien. Volledig thermische wind dus.
Het laatste stuk deden we daarom op de motor en om de hoek van Taormina vonden we weer een goede mooring in het yacht hotel van George Rizzo, waar we inmiddels al voor de vierde keer zijn. Aan een boeitje, met uitzicht op de Etna en onder het amfitheater: wat wil je nog meer!
Milazzo: weer naar het “vasteland” van Sicilië
Na de Eolische eilanden varen we weer eens naar de kust van Sicilië zelf. het voelt alsof we naar het vasteland gaan, hoewel je nog steeds naar een eiland vaart natuurlijk. 17 mijl, alweer zonder wind.
Milazzo ligt op een heel smalle landpunt die een mijl of drie de zee in steekt en meer dan 100m hoog is. Alweer een strategische ligging dus.
Zelfs in de oudheid waren hier al burchten (van de Grieken, die het Mylae noemden), de Romeinen, de Noormannen en de Swaben (von Honhenstauffen). De burcht die er nu nog te bezoeken is, stamt uit de middeleeuwen en is gebouwd in opdracht van Frederik von H. De totale oppervlakte binnen de intacte muren misschien wel 2/3 van Naarden vesting. Alleen staan er nog maar een paar gebouwen overeind. Het is een imposant geheel, Hier is in ca 1860 de beslissende slag om Sicilië gewonnen door onze vriend Garibaldi met zijn 1000 man en begon de eenwording van Italië.
de vulkaan van Vulcano
We varen op maandag 21 augustus van Lipari naar Vulcano. Een wereldreis van 3 mijl op de motor. Het alternatief was 20 mijl op de motor naar het eilandje Filicudi, maar dat vonden we niet echt een leuk ideetje, ondanks dat Filicudi wel mooi en rustig schijnt te zijn. Dit in tegenstelling tot de eilanden waar we tot nu toe waren.
Vulcano (naar de naam van het eiland is het woord vulkaan ontstaan!) heeft nog een echt werkende vulkaan ook. En modder/zwavelbaden. We vinden een mooring bij marina di Vulcanello, waar we 2 jaar geleden ook al waren. Nu is het wat beter georganiseerd, twee broers hebben de zaak overgenomen.
De volgende dag huren we een mini Moke, een soort half-open jeepje op het onderstel van de oer-mini. Met originele 1098cc austin/morris motor erin natuurlijk. Het geluid is onmiskenbaar, tot en met de licht ratelende distributieketting.
We rijden eerst naar de voet van de vulkaan en beklimmen deze te voet (ca 320m omhoog, 45 minuten stevig doorlopen over de lavastenen). Boven kijk he de rokende krater in en heb je mooi uitzicht op de eilanden rondom.
Na de afdaling tuffen we in de Moke het eiland verder over, o.a. naar Gelso, een leuke kleine baai in het zuiden. Daar willen we wel ankeren morgen! Vooral omdat er een leuke trattoria zit in 1 van de 2 huizen die hier aan het water staan.
We rijdenook nog naar Capo Grillo, waar je weer een ander mooi uitzichtpunt hebt. Daarna rijden we terug naar het dorp aan de baai en leveren de Moke weer in. Op de boot even lekker zwemmen en daarna uitrusten.
Lipari: drukke toeristische plaats
We blijven 2 nachten hier. We laten de was doen (20 euro, opgehaald en thuisgebracht voor een grote lading).
Met de bus ben je ook zo in het plaatsje zelf, waar het wel erg vol is met landtoeristen. We wandelen de oude burcht op, waar het direct een stuk rustiger is.

de kathedraal van binnen. Geen Pantocrator deze keer, maar de kathedraal is dan ook helemaal opnieuw opgebouwd ver na de Normandische tijd
19 augustus varen we een toeristisch rondje
We gaan na het ontbijt op de motor naar de rotsen die in de oude krater liggen ten oosten van Panarea. Het is bladstil (geen wind, geen golven) en we kunnen de mooie rotsen goed bewonderen.
We varen daarna 10 mijl naar Lipari (terug naar het westen) en dobberen midden overdag een uurte of 2 rond, omdat we anders zo vroeg in de haven zijn (en dan is het nog erg warm, denken we).
We komen om 16:45 aan in de haven Pignatoro, waar we aan de steiger van EOLmare een plekje hadden gereserveerd. Alles klopt en we worden door 3 man sterk geholpen m: et aanleggen. Met wat zijwind is dat ook wel handig. We ontdekken ook direct waarom er tussen de zeiljachten veel ruimte wordt gelaten: de deinig van snelle motorboten en ferries loopt onder de drijvende steigers door en veroorzaakt een wild geslinger van alle jachten aan de steiger. Met alle risico’s van masten en zalingen die elkaar kunnen raken wanneer je niet genoeg afstand hebt tot elkaar. Maar dat gaat hier allemaal prima.
Later op de avond wordt het rustig als alle snelle boten verdwenen zijn en we slapen prima
Panarea: het jetset eilandje van de Eolische eilanden
We varen op 17 augustus weer weg uit Cefalu. We vertrekken om 08:00 uur want het is meer dan 50 mijl naar Salina, waar we willen ankeren. De hele dag zeilen we 2 uurtjes en de rest moet op de motor want de wind is weer heel weinig.
Bij Salina aangekomen blijkt het zo vol dat we besluiten om door te varen naar Panarea, nog 10 mijl verder. Daar is het ook wel vol, maar kun je nog wel een plekje vinden. We besluiten een mooring te pakken (eigenlijk 2, want je wordt allemaal in rijtje gelegd met achter en voor een mooring, zodat je niet tegen elkaar kunt draaien. Dit systeem kennen we nog van Corsica en Vulcano uit 2015 en het werkt prima als je maar beschut ligt). We hebben mooi uitzicht op de Stromboli in de verte, maar zien alleen wat rookpluimpjes en geen vonkenregen.
Op 18 augustus laten we ons door de beheerder van de moorings met zijn dinghy naar de wal brengen en we lopen door het mooi opgeknapte witte dorp. Mooie huizen en dure winkels, een soort Mustique met Ibiza door elkaar… Af en toe landen er ook helikopters en we zien dure schepen, o.a. de schoener Adela.
Naar Cefalu
15 augustus tuffen we de haven van Palermo uit om 10:30. Eerst bezoeken we om 09:00 uur nog het Palazzo Mirto, dat tot 1983 nog bewoond is geweest door de prinsen van Mirto (meer dan vierhonderd jaar familiehistorie in het huis te zien).
Het is maar 35 mijl naar Cefalu, dus we doen rustig aan, op de motor zonder wind! De haven blijkt een rommelig geheel en koste wel 110 euro per nacht dus we besluiten in het baaitje te ankeren. Prima plek en leuke baai.
De volgende dag blijven we en we pakken de dinghy naar de wal om Cefalu te bekijken. Erg toeristisch en vol, maar we hebben wel heel lekkere bakker en slager gevonden! En een heerlijk ijsje (Marleen ijskoffie) genomen. Ook hier is weer een oude Normandische kathedraal met een Christus Pantocrator (de originele waarvan die in Palermo en Monreale kopieën zijn) en die bezoeken we ook. Driemaal is scheepsrecht.
Terug op de boot zwemmen we wel een paar keer, want het is erg warm. Gelukkig is er wel een beetje wind.
We draaien alle kanten op door de steeds draaiende, maar heel lichte wind. Gelukkig blijft het anker goed liggen.
Palermo (2) en Monreale
We blijven nog een dagje. Er is buiten toch geen wind en wel nog deining. Dus we nemen de bus naar Monreale (8 km de heuvels in) waar nog een Normandische kathedraal staat, die door Willem de tweede (de goede) is gebouwd op die plek omdat Maria hem in zijn slaap had ingefluisterd dat hier de schat van zijn vader (Willem de slechte) begraven lag. In ieder geval is het een schitterende plek met een mooi uitzicht en een prachtige kathedraal met klooster, die van binnen wel veel lijkt op die van Palermo. Ook een schitterende mozaiek van Christus Pantocrator.
We lopen in het oude dorpje rond, drinken een goede koffie en gaan dan weer terug. Siesta op de boot.
Palermo!
11 augustus is de mistral uitgewoed. Er staan naar verwachting nog wel golven van 1-1,5 meter uit het NW maar de wind zal max 17 knopen zijn, misschien 20 bij de volgende kaap. We gaan.
Dit wordt de beste zeildag tot nu toe, heerlijk ruime wind met best lange golven voor Mediterrane begrippen. Zie het onderstaande filmpje
Na de kaap gijpen we en doorbreken we zowaar de 10 knopen grens in boatspeed. Met een conservatief aanwijzend log ook nog. Lennard is blij…..kijk maar naar het filmpje
Palermo is een bijzondere stad. De haven is eigenlijk wel prima, midden in de stad maar redelijk schoon. We liggen bij de roeiclub, die ook steiges heeft voor een flink aantal jachten. Douches in de kleedkamer achter de roeimachines en een zwembad op het dak van het clubhuis. Het kan slechter…. We gaan borrelen bij het cafe naast de roeiclub en ’s avonds pizza eten op het Piazza Marina als afsluiting van de week met Milou en Lennard.
De volgende dag vertrekken Milou en Lennard weer naar NL en gaan wij cultureel passagieren. We bekijken het paleis van de Noormannen en de kathedraal. We lopen langs de mooie fonteinen en lunchen met een heerlijke pasta. Nog even bij de Carrefour naar binnen en dan zijn we wel even aan een siesta toe, die tot half acht duurt…..
9 en 10 augustus: de mistral in Castellamare del Golfo
We zeilen 9 augustus naar CdG, dezelfde route als we met Martijn ook al voeren. En weer is er in het begin weinig wind terwijl bij de kaap de wind weer flink toeneemt tot 25-28 knopen. Na de kaap blijft het ook hard doorwaaien dus we zetten toch maar 2 reven in het grootzeil. Natuurlijk neemt de wind daarna binnen 10 minuten weer af to 10 knopen max en draait hij tegen ons. Landeffect dat we al kennen. Dus ontreven we weer en zeilen hoog aan de wind naar CdM waar we weer aan dezelfde steiger komen te liggen. Daarna lekker ijsje halen…..
De volgende dag blijven we in de haven omdat de mistral niet alleen flinke wind geeft maar ook golven van boven de 1,5meter. We repareren de ankerbediening en de rubberboot wordt uitgelaten. Milou en Lennard verkennen het plaatsje.
8 en 9 augustus: oversteek naar Sicilië
8 augustus: We gaan vroeg weg, om half acht gaat het anker omhoog. Het is windstil en de voorspelling is dat we de hele dag niet meer dan 6-10 knopen tegenwind krijgen, dus de motor krijgt het druk. De voorspelling klopt als een bus. Toch hebben we besloten om nu de oversteek te maken want hierna komt er een aantal dagen mistral (harde noordwesten wind met hoge golven) en we moeten toch echt naar Sicilië terug want Milou en Lennard hebben tickets vanuit Palermo en wij willen ook graag weer op tijd daar zijn.
Om 22 uur neemt de wind toe, net als het echt goed donker is geworden. Gelukkig hebben we eerst wat hoogte gepikt door te ver zuid te varen, zodat we nu 20 graden minder zuidelijk kunnen aanhouden en niet recht tegen de wind in verder hoeven. We hopen dat de wind bovendien verder gaat ruimen zoals voorspeld, zodat we in combinatie met onze nieuwe koers kunnen gaan zeilen later in de nacht. De wind draait echter niet echt maar neemt wel toe tot 18-20 knopen (dat is dan wel weer voorspeld). Het is niet gezellig zo, veel klappen op de golven die beginnen op te bouwen. Pas om een uur of vier in de ochtend is de wind ruim genoeg om hoog aan de wind de Egadische eilanden aan te kunnen lopen en de motor uit te kunnen zetten.
We zeilen onder Marettimo langs, waar de wind tijdelijk 30 graden tegen ons in draait en afneemt (door de luwte van de hoge rots) en zeilen verder naar Favignana. Daar is de haven vol en de moorings zijn ook allemaal bezet. We kunnen niet ankeren door een defecte afstandsbediening (te nat geworden in de nacht) en we zeilen dus door naar Trapani. Daar komen we om ca 11:30 aan. 178 mijl in 28 uur, niet echt een record….
We nemen een goede siësta voor we later op de dag Trapani in gaan. Milou heeft al snel de beste gelateria en het beste restaurant gevonden dus we genieten die avond! Erg leuk om door Milou en Lennard getrakteerd te worden!
6 augustus: Milou en Lennard komen aan boord! De dag erna zeilen we heerlijk
We gaan anker op in de ochtend en varen in alle rust op de motor naar Cagliari, waar we in dezelfde haven gaan liggen als een paar weken geleden toen we met Martijn hier aankwamen. Nadat we de boot gepoetst hadden en het zout na een paar dagen varen en ankeren er weer helemaal afgespoeld hadden, kwamen Lennard en Milou de steiger oplopen. Heel mooi om elkaar weer te zien!
Na een lekker hapje in een restaurantje in oud Cagliari gingen we redelijk op tijd te kooi.
De volgende dag zeilden we heerlijk rustig een kruisrak van 20 mijl naar Capo Carbonara, inmiddels een vertrouwde ankerplek. We gingen met de dinghy naar de haven, bekeken de flamingo’s en dronken een lekkere Spritz Aperol (Milou en Frans tenminste) op het terras van de jachthaven. We barbecuen met de Cobb op het achterdek.
4 augustus: naar Pula baai waar we de Maybe ontmoeten
We zeilen van de ene baai naar de andere. We scheuren om Capo Spartivento heen met flinke westenwind (ca 20 knopen) en daarna loeven we op om de kustlijn te volgen naar Pula. We hebben afgesproken met Silvio en Antonella, vrienden uit Marina di Ragusa, die hier met hun boot “Maybe” ook naar toe zijn gevaren.
De wind draait met ons mee en wordt zuidelijk. We zijn wat bezorgd voor de wind daar, want met zuidenwind zijn beide baaien bij Pula matig beschut maar dat blijkt onnodig. 5 mijl voor Pula valt de wind gewoon weg en hij blijft ook weg. We ankeren en zwemmen vlak voor de Maybe uit tegenovergestelde richting aan komt varen (op de motor want ook vanaf Cagliari hadden zij hetzelfde verschijnsel: wind bij vertrek, geen wind bij Pula…)
Het werd een gezellig weerzien met een bbq bij hen aan boord tot laat in de avond. Zij varen met 2 andere boten samen op, dus het was lekker vol. Silvio: “French boats have 2 great advantages: a very good fridge and a large cockpit….

































































































