Afscheid van de Sam Sing; op naar het noorden.
Na Kalamos varen we tussen de eilanden door naar onze oude ankerbaai vlak ten oosten van de ingang van het kanaal van Lefkas. We ankeren op 100m afstand van de plek waar we 5 weken geleden ook ankerden. En weer waait het 20 knopen en weer liggen we zo vast als een huis achter ons anker dat je gewoon in het zand kunt zien liggen op 11 meter diepte. We hebben mooi uitzicht op de bergen en de volle maan.
Kalamos, een mooi avontuur met George, zelfbenoemde havenmeester
De dag erna zeilen we met de Sam Sing van Rene samen op naar Kalamos. Een tochtje van 12 mijl, maar wel heel mooi! In de haven van Kalamos stelt George, alweer een plaatselijke taverna-eigenaar, er een eer in om de haven zo vol mogelijk te krijgen. Voor iedereen is plek! Hij sleept je gewoon naar de plek die hij voor je bedacht heeft; ook al had je je anker al laten zakken! De volgende ochtend blijkt de helft van alle jachten verstrikt in elkaars anker. Maar ook dat lossen we allemaal wel weer op. Ons anker lag gelukkig vrij.
We eten natuurlijk bij George en hij vertelt vol trots dat hij die avond 2 terrassen vol heeft met 150 man elk. En dat met een heel klein keukentje. En het was echt goed!
Naar Meganisi: we ontmoeten voor het eerst sinds 2013 een clublid op… het water!
We spraken met René en zijn bemannig af elkaar te ontmoeten op Meganisi. De taverna in de Vathi baai (ja, deze heet alweer zo; overal kom je deze naam tegen. Het betekent gewoon “diep”) heeft een eigen aanlegsteiger en daar lig je gratis als je maar bij hen wat consumeert. We hebben stroom en water, we doen de was en eten op het terras met Rene, Juliaan en zijn 2 vrienden. Gezellig!
Na Vathi zoeken we beschutting in Eufimia
We weten dat er nog meer wind gaat komen. En dan lig je hier niet lekker rustig. We varen naar Eufimia, waar we al op de heenweg waren. De eerste haven die we een tweede keer aandoen. Super beschut en gezellig. We blijven er 2 dagen. Nu is het rustiger dan de vorige keer, toen ze hier hun jaarlijkse feestdag vierden. Desondanks veel lawaai door de wind en de taverna’s.
9 augustus: Het eiland van Pelops gerond
We varen vandaag terug naar Ithaca en kruisen onze koers van 30 dagen geleden. We zijn de Peleponnesos dus rondgevaren. 562 mijl om precies te zijn.
Vanmiddag komen we na een kalm zeildagje (max. 12 knopen wind) aan in Vathi, de “hoofdstad” van Ithaka met misschien 8000 inwoners of zo. Niets herinnert hier aan Odysseus. Vathi is een leuk plaatsje, na de aardbeving van 1953 tegen de heuvels om de baai in een smaakvolle stijl herbouwd.
Het is een echt tochtgat hier. Na onze aankomst met weinig wind steekt de middagbries uit het westen op en deze wakkert aan tot een goede 25 knopen (windkracht 6) die flinke golfslag in de grote baai veroorzaakt tot diep in de nacht. Jachten die aan lagerwal liggen zijn niet gelukkig en hebben problemen met krabbende ankers. Gelukkig konden we nog een beschutte plek vinden toen wij aankwamen en ligt ons anker er goed in want zelfs bij ons trekt en giert het behoorlijk in de vlagen.
We moeten zelfs havengeld betalen: 12 euro per nacht! Maar het is hier leuk dus we klagen niet.
heerlijk zeilen door de golf van Korinthe
Na ons bezoek aan Delphi zeilen we verder van Galaxidi naar het eiland Trizonia in de golf van Korinthe.
Het eiland heeft weer een Euro haven: oorspronkelijk ambitieus aangelegd, niet afgemaakt en nu verslonsd. Geen havengeld, wel beschut en langszij aanleggen. Het bijbehorende dorpje ligt aan de andere baai, maar de doorsteek daarheen is maar 30 meter lopen. Grappig, maar wel een beetje kermis. Het ligt dichtbij de vaste wal en er varen allerlei veerbootjes heen en weer, alleen voor voetgangers. Vuilnis wordt per boot afgevoerd, merken we in de avond, als alle kliko’s van het eiland op een soort dekschuit met hulpmotor worden getakeld en in de vroege ochtend weggevaren worden naar de wal.
Van Trizonia varen we 36 mijl op zeil en passeren de grote brug bij Patras.
We ankeren in het baaitje van Mesologgi, dat 3 mijl landinwaarts ligt. Veel boten doen hetzelfde, op de wal is weinig te beleven verder. In de avond wordt het helemaal bewolkt en vlaagt de wind uit verschillende richtingen, maar het blijft droog en ons anker ligt er goed in.
De volgende ochtend varen we verder richting Ithaka
Delphi: alweer Griekse historie, maar wel heel bijzonder
5 augustus: We huren vandaag een auto en gaan naar Delphi. Het orakel heeft ons niets verteld maar we vroegen ook niets. We keken wel onze ogen uit!
3 augustus: het kanaal van Korinthe: indrukwekkend, maar snel voorbij!
We voeren op 2 agustus van Sounion naar Korfos, een kleine, niet toeristische baai vlak buiten Athene op de Peloponnesos. Gratis ligplaats met water en elektra voor de plaatselijke taverna “Papa George”, maar dan verwacht hij wel klandizie. We eten simpel maar lekker aan een tafeltje 2 meter voor de boot!
De dag erna varen we door het kanaal van Korinthe, 3,5 mijl lang en 58 meter hoog! Indrukwekkend om te doen, ook al ben je er natuurlijk zo doorheen. Aan de andere kant, in de golf van Korinthe, zeilen we zowaar nog een uurtje of twee en dan is de wind weer eens op.
We overnachten in een “Euro-haven” in Limeniscos Irodoris en zijn de enige bezoeker. We leggen aan aan de buitensteiger We zwemmen naast de boot. Midden in de nacht een regenbui! Dat was natuurlijk schrikken, want vanwege de warmte staan alle luiken open.
De dag erna varen we naar de volgende baai (18 mijl) met wind tot 25 knopen bij de punt van het land. Daarna zakt de wind er weer uit. We leggen om 12 uur aan in Galaxidhi, volgens velen het leukste oord aan de golf van Korinthe en van hieruit is Delphi ook goed te bezoeken.
1 augustus: Kaap Sounion!
Dit is van de belangrijke waypoints van deze reis! We waren hier op onze huwelijksreis in 1980 (over land), met een huurboot in 2005 (zilveren bruiloft) en nu weer met de Aurora! Drie maal is scheepsrecht. De zonsondergang en de daarna verlichte tempel zijn weer even uniek!
29-31 juli: Vanuit Ermioni naar Mycene, Nemea and Nafplion
We huurden een auto op de 31e juli want er was harde wind voorspeld. We bezochten de opgravingen bij Mycene en het onbekendere Nemea (naast Olympia één van de plaatsen waar de Grieken op neutraal terrein elkaar in de sport bestreden). Fot’s volgen
Daarna naar Nafplion, waar we eerst lekker lunchten en daarna nog wat rondliepen en naar de grote burchten reden. Via kleine bergweggetjes terug.
via een mooie ankerbaai bij Porto Kheli nu in Ermioni
Na Tiros zeilen we naar een schitterende ankerbaai achter een klein eilandje waar je vrijwel 360 graden beschutting hebt. We ankeren en leggen een lijn aan de wal om een steen zodat we niet swingen in de steeds draaiende wind. Dat doen de andere 5 boten ook die hier liggen, anders is het te klein voor ons samen! We eten inktvis.
De dag erna motoren we naar Ermioni, de eerste plek van deze reis die we al kennen. In 2005 waren we hier met alle kids met de boot die we huurden voor de vakantie i.v.m onze zilveren bruiloft. Sindsdien is het allemaal wat rijker geworden maar nog steeds geen massatoerisme hier.
De veerboten zijn nog steeds dezelfde Flying Dolphins van Sovjet makelij, die vreselijke zwarte rookwolken uitbraken.
We blijven hier een paar dagen en huren morgen een auto om Mycene en Nafplion te bezoeken.
Van Monemvasia naar het noorden
We verkennen eerst de stad op het eiland van Monemvasia. Alleen kleine wandelstraatjes en steile trappen. Erg mooi!
Daarna varen we naar het kleine oord Leonidhion. Daar wordt nog een oud dialect gesproken dat uit het Dorisch (oud Grieks) voortkomt. Het bestaat uit een haven waar de swell recht inloopt (maar in de avond niet meer want dan valt de wind weg), 2 straten, een paar taverna’s en een kerk waar zeker 3 maal per dag de klokken luiden en per luidspreker de mis wordt opgedragen over het hele dorp heen. We gaan uit eten bij de taverna van Margarita, die kookt met groenten uit eigen boerenland, je laat kiezen vanuit de keuken (zonder kaart) en je terloops even wijst op het winkeltje van haar zoon aan de overkant waar ook weer allerlei groenten en produkten uit eigen boerderij te krijgen zijn. We krijgen een zak sinaasappels cadeau!
De volgende dag varen we weer verder en stopten tegen de planning al na 8 mijl in Tyros. Een klein vissershaventje bij een wat eenvoudig dorp, dat langzamerhand een vakantiebestemming wordt, maar nog wel van de eenvoudige soort (kamers te huur bij mensen thuis, eenvoudige hotelletjes). Aan de haven zitten we lekker aan een barretje een ijskoffie te lurken met uitzicht op de boot. We moesten vanmiddag wel opnieuw ankeren want de ankergrond in de haven is niet erg best. En de middagwind vanuit ZO staat met 20 knopen dwars op je schip; dan trekt je anker dus gewoon uit de bodem! Nu alles weer rustig en we liggen achter 50 m ketting nu echt wel OK.
23 juli: Feest in Monemvasia, ofwel: Zo verslaat men de Turken
23 juli: Nietsvermoedend zeilen we naar Monemvasia, dat om de derde punt van de Peleponesos ligt. We ronden kaap Male, waar het goed kan spoken. Maar voor ons is het rustig, wel vreemde draaiwinden en wat vlagen. Dus met de motor en 2 reven in het grootzeil eromheen. Daarna weinig wind op de laatste 15 mijl naar Monemvasia. Dit is een oude vesting op een schiereilandje, dat wat aan Syracuse doet denken als je op de kaart kijkt. Maar in werkelijkheid is het behoorlijk verschillend. We gaan het verkennen.
Onderweg lezen we dat 23 juli de grote feestdag is in Monemvasia. Er wordt dan gevierd, dat dit het eerste plekje op de Peleponesos was, wat bevrijd werd van de Turken (in 1821, 4 jaar eerder dan bijvoorbeeld Pylos). Het feest bestaat uit een imitatie zeeslag met veel rode lichten en knallen en rook op het water voor de haven. We liggen eerste rang en zien ook de afsluiting waarin een echt bootje in de brand wordt gezet, met veel knallen en vuurwerk. Gelukkig blijkt het bootje de volgende dag weer netjes op een trailer naast de haven te staan….
We worden daarna getrakteerd op veel live muziek en vuurwerk tot diep in de nacht. Gelukkig besluit onze buurman, waar we langszij liggen, zijn vertrek de volgende ochtend uit te stellen tot negen uur…
Die dag doen we de was en maken we de boot schoon van buiten. Er is hier namelijk zomaar een kraan voor onze waterslang, een ongekende luxe in een haven in Griekenland! Maar ja, je betaalt ook geen of nauwelijks havengeld. We zien de grootste schildpad ooit, die hier rustig de haven rondpeddelt en dan weer vertrekt. Jammer genoeg is het niet gelukt om hem te fotograferen
22 juli: Naar Mani, het tweede schiereiland van de Peleponesos
Na een korte nacht staan we toch maar vroeg op want we willen vandaag 50 mijl verder. Om de punt van Mani ligt Porto Kaio, een mooie ankerbaai met een strandje en 3 tavernas. We tuffen er heen en zeilen maar 6 mijl van de hele trip. Gewoon windstil verder. We komen om 16:30 aan en ankeren bij goed zicht onder het strandje. Dat gaat nog niet zo eenvoudig want de zandgrond is zo keihard dat ons toch goede Delta anker niet goed ingraaft. Na 3 keer proberen en checken lukt het uiteindelijk toch.
De huizen in dit dorp en op het hele schiereiland Mani zijn bijzonder: grauwe stenen in een “blokkendoos” bouwstijl (zie ook de foto van de vuurtoren). De huizen zijn allemaal 2 of 3 verdiepingen hoog en de bewoners woonden niet op de begane grond. Zo kon je altijd je vijand zien aankomen en hem van boven bekogelen. Door schade en schande wijs geworden kennelijk.
We gaan naar het strandje en moeten direct aan de Carieb denken. Alleen heet de beach bar hier “Taverna”. Na een koud biertje en wijntje eten we samen voor 20 euro heerlijke inktvis en Griekse salade. Vooraf lekkere hapjes en de watermeloen bij de rekening hoeven we niet te betalen. Voldaan naar de boot, maar een onrustige nacht want de wind steekt eerst flink op en draait dan ook nog alle kanten op zodat we midden in de nacht andersom liggen en de rotsen toch wel dichtbij zijn. Maar het anker ligt echt goed, dus er gebeurt niets.
21 juli: zeilen naar Finikounda en mooie avond met Frans en Felix
We pikken Frans en zijn broer Felix op aan de kade van Pylos. We drinken even een goede Nespresso en gooien dan los. Zeilen naar Finikounda (11 mijl) is een makkie, erg gezellig ook. We ankeren voor het strandje van het dorpje en na een lekker zwempartijtje gaan we met de auto van Felix naar zijn huis in Kamaria, 3 km de bergen in.
Het huis is net klaar, compleet met zwembad en ingericht voor de functie van “Bed and Butler”: In het eerste blok wonen Felix en Maria als ze hier zijn, in het andere is een gastenverblijf dat door bekenden en eventueel ook via airBNB te boeken is. We genieten van de mooie plek en een heerlijke avond met veel gezelligheid en lekker eten: inktvis, dorade en vlees van de BBQ.
20 juli: flinke wandeling, zwemmen en daarna lui zijn
We liggen nog steeds voor anker in het noorden van de baai bij Pylos. Vandaag staan we om half acht op en we varen naar het strand met de rubberboot. We gaan wandelen naar de oude burcht, die half ingestort is maar wel op een schitterend strategisch punt ligt, die de oude Nestor al in gebruik had als wachtpost.

de lagoon aan het einde van de baai, met kanaaltje naar de baai zelf. Wie weet welke boot de onze is?
Na een uurtje naar boven klimmen, rondkijken en een half uur weer afdalen, lopen we nog langs de brakke lagoon achterin de baai. Je komt dan bij Nestor’s cave, waar de vloot triremes van Nestor op het strand getrokken werd. In de Griekse volksmond heet deze lagune nu “de koeienmaag”. Schitterend strand in een hoefijzervormige lagune, waar het helaas te ondiep is voor ons. Er lag wel een catamaran voor anker.
Storm in de haven van Pylos, we huren een auto en doen cultureel
Op 17 en 18 juli waait het hard (20-25 knopen) en is zeilen niet echt leuk, want de kust ligt aan lagerwal. De luchten worden plotseling ook dreigender.
We huren op de 18e juli een auto en bezoeken het paleis van Nestor (4000 jaar oud, waar de linear B tabletten gevonden zijn). De opgraving is helemaal overdekt en je loopt over loopbruggen boven de ruïnes. Erg mooi gedaan en indrukwekkend.
Daarna rijden we naar de opgravingen bij het oude Messini (van de Messeniërs, de eeuwige vijanden van Sparta). Hier bouwden zij na veel strijd hun definitieve stad en haalden hun door de Spartanen verbannen landgenoten weer terug uit Sicilië (Messina!) en Noord Afrika. Deze archelogische site is eigenlijk nog indrukwekkender dan Olympia. Naast een mooi amphitheater (dat verrijdbare decors heeft gehad van 2 verdiepingen hoog) en een schitterend heiligdom van Asklepion, waarin tempels van o.a. Artemis en een apart, kleiner amphitheater. Ook een bijna intact Gymanision met renbaan, tribunes bij de finish en een indrukwekkende zuilengalerij. En zo te zien ligt meer dan de helft nog onder de grond!

amphitheater van Messini; in de achtergond het enorme terrein van de opgravingen (zover je kunt kijken)

beeld in het museum naast de opgravingen van de godin Isis Pelagia, beschermster van de zeilers op zee
’s Avonds moe en voldaan aan boord gegeten en koffie gedronken met onze Oostenrijkse buren. Morgen gaan we weer naar de ankerbaai en wordt ons verhaal weer vervolgd
17,18 en 19 juli: Pylos en omgeving
We blijven hier een paar dagen want het gaat hard waaien en ook hebben we hier met naamgenoot van Baal afgesproken op 21 juli. Er is hier bovendien genoeg te doen!
We wandelen naar de mooie burcht (Neo Kastro) boven het stadje en bekijken dat uitgebreid. Het is een echte oude vestingstad geweest met ooit 600 huizen, helemaal ommuurd en met een slotgracht. Nu is er behalve de muur, de torens en een kerk niets meer van over, maar die zijn dan ook wel heel mooi gerestaureerd.
Het geheel is door Grieken, Turken, Fransen en weer Grieken steeds verder uitgebouwd.
In het stadje op het centrale plein staat het standbeeld met de 3 bevrijders van Griekenland in 1827, een Engelsman, een Fransman en een Duitser. Aardige Europese gedachte destijds…. De vijanden waren de Turken, by the way. De zeeslag vond plaats terwijl alle schepen voor anker lagen in de baai van Pylos. De geallieerden wonnen niet omdat ze in de meerderheid waren (integendeel juist) maar omdat ze een betere routine hadden in het sneller laden, richten en schieten!
Onder het beeld een paar kanonnen die bij de overwinning gebruikt zijn en het wapen van de geallieerde strijdkrachten: een onklaar anker. Zou Koning Willem III dat geweten hebben toen hij, met zijn naamcijfer, het beeld van een onklaar anker schonk aan de KNZ&RV in 1847?
Naar Pylos met al zijn mooie plekjes
De dag erna (15 juli) zeilen we met een heel mager windje 30 mijl naar Pylos, beroemde oude stad uit de Griekse historie. Koning Nestor, wijze raadsman in de Trojaanse oorlog, had hier zijn paleis (ruïnes uit de 12e eeuw voor Christus nog te bekijken, alwaar ontdekt is dat deze mensen toen al Grieks schreven en spraken, zoals op Kreta). We varen ook langs de oude “haven van Nestor” , nu een baaitje met een prachtig strand. Toen was het een goede plek om de triremes (oorlogsschepen) op het strand te kunnen trekken.
Om bij Pylos te komen, vaar je daar eerst langs en ook langs een groot langwerpig schiereiland, waar voor zover bekend de enige “overgave” van een Spartaans legeronderdeel ooit plaatsvond. Spartanen bleven immers vechten tot het einde, zo werd hen geleerd!
Om de hoek vaar je dan een nieuwe baai binnen, die wel 3 mijl lang is (achter het schiereiland). We ankerden helemaal aan het eind van deze baai (en dan ben je weer vlakbij de haven van Nestor, na 6 mijl omvaren). Volg je het nog? Kijk maar op Marine Traffic en je ziet onze koers of anders op Google Maps misschien? Heerlijk rustige ankerbaai met 5 boten. Lekker zwemmen ook.
Na een nacht voor anker, waarin de wind tot 20 knopen toenam (eerder dan wij hadden gedacht), varen we de volgende ochtend terug naar het begin van de baai, waar het stadje Pylos ligt.
Hier geen enkele herinnering aan de oude Grieken meer, de stad is in 1825 opnieuw opgebouwd door de Franse architect met de toepasselijke naam “Maison”, nadat hier een historische zeeslag is uitgevochten tussen de Turken en de “geallieerden” (Duitsers, Fransen en Engelsen), waardoor Griekenland onafhankelijk kon worden na lange overheersing door de Turken. Op het stadsplein staat het standbeeld van de 3 bevelhebbers die dat voor elkaar kregen. De stad heeft witte huizen, bijna allemaal in dezelfde stijl, met rode daken. Het is heel anders dan de meer Venetiaanse stijl op de Ionische eilanden. Gezellig plaatsje met veel goede winkels.
We blijven hier een paar dagen want het gaat hard waaien. De haven is ook weer een Euro Hafen, geen liggeld maar ook geen voorzieningen behalve stevige steigers en een mooi uitzicht. Niemand weet wie de havenmeester is….Lijkt ons dus meer een “no-businessmodel”. We liggen zelfs 2-dik omdat er meer zeilers hier komen wachten op goede wind. Maar dat is wel weer zo gezellig. De Belgische Sly42, die we al een paar keer eerder ontmoetten, ligt nu ook achter ons.

Frans marineschip vertrekt uit Pylos. Let op vlag halfstok vanwege de aanslag in Nice. Voor de kenners: wat doet de laserzeiler op de voorgrond fout?
De Peleponnesos: hier begint het Griekenland zonder flottieljes
We varen op 14 juni van Zakynthos 48 mijl naar Kiparissia. Eerst zonder wind, maar het grootste deel met heerlijke ruime wind, die opbouwde tot 18-20 knopen (en dat bij 30 graden en wolkenloze hemel). We maakten ons al wat zorgen over de aanloop aan lager wal bij Kiparissia, maar de wind viel 2 mijl voor het land bijna weg en de deining ook. Kiparissia ligt onder een behoorlijk hoge bergrug en de wind moet daar overheen, dus ontstaat er kennelijk minder druk op zeeniveau. Handig.
Kiparissia is een “Euro-Hafen” , hadden we al van Duitsers gehoord. Dat betekent niet dat je veel Euro’s moet betalen. Nee, juist het tegenovergestelde. De haven kost niets, heeft ook niets, maar is wel op kosten van de Europese Unie aangelegd. De gemiddelde Griek begrijpt waarschijnlijk niet waarom en dus gebeurt er ook niets mee. Betonnen kades die al weer in verval raken, elektriciteitskastjes die niet aangesloten zijn, een provisorische waterslang met 2 kranen op een kade van 200m lang. En bijna geen jachten. We liggen er wel mooi langszij voor nul Euro.
Ook het onderhoud aan de NW- havendam, waar de wind en de golven bijna altijd loodrecht op staan, laat te wensen over. Na een verlenging is deze half ingestort precies op de plaats waar het oude en het nieuwe deel in elkaar overgaan. Dat schijnt al een paar jaar zo te zijn, maar het is niemand’s probleem kennelijk.
12 en 13 juli: Zakynthos verkennen
We varen op 12 juli van Kefalonia naar Zakynthos, het zuidelijkste van de Ionische eilanden. Het is een stuk vlakker dan waar we tot nu toe waren. We leggen aan in de haven van Zakynthos stad, waar het flink druk is langs de kade met auto’s en flanerende voetgangers. Leuk stadje, dat in 1953 na een grote aardbeving opnieuw is opgebouwd met uitzondering van de kerk uit 1925, die overeind bleef staan. We bezochten deze kerk, die heel rijk versierd is.
Verder liepen we het centrum rond, leuke sfeer: De huizen zijn in een soort semi-Venetiaanse stijl herbouwd. We kochten een “mifi” routertje en sim-kaartje van Vodafone zodat we nu Grieks mobiel internet hebben voor een maand (of langer als je een top-up doet). Wel handig!
Maandag 11 juli: naamdag van de heilige van Efemia van Kefalonia
Van Ithaka varen we (alweer op de motor, vanwege een een hardnekkig stakende Aeolos, god van de wind), naar het plaatsje Efemia op hete eiland Kafalonia, ten westen van Ithaka en destijds ook onderdeel van het koninkrijk van Odysseus, net zoals Zakynthos trouwens.
Hier liggen we midden in het dorp aan een levendige wandelboulevard, waar we tijdens de borrel een politie-auto zien verschijnen met blauw zwaailicht. Alles blijft nog rustig. Maar na een tijdje is er muziek in de verte te horen, die ons nadert. Dan komt er een optocht langs met vaandels en verklede kinderen en priesters, inclusief religieus gezang. De havenmeester vertelt ons dat dit ter ere van de naamdag van de heilige van het dorp is. Vanavond is er dan ook (na de optocht) live muziek op de havendam, waar een heus vloertje voor de band is neergezet en waar je hapjes, drankjes kan krijgen en zelfs gedanst kan worden. Weer helemaal ander sfeertje, maar wel weer grappig. We genieten mee vanuit onze eigen kuip.
Ithaka: Geen Odysseus aangetroffen, wel een heel mooi plaatsje
We varen op zondag naar van Sivota (Lefkas) naar Kioni, een klein dorpje verstopt in een baaitje op Ithaka. De huizen zijn als een soort amfitheater tegen de rotsen gebouwd met allemaal uitzicht op de baai, die als toneel en decor fungeert. Daar liggen wij dan, aan de kade achter ons eigen anker en 2 lijnen naar de wal. Het wordt goed vol met jachten, hoewel het vandaag wisseldag voor flottieljes en huurboten is, dus die liggen allemaal stil in hun thuishavens.
We lopen wat rond, eten een ijsje en borrelen aan boord bij onze buren, gezellige Engelsen Angela en Chris, die hier al jaren komen. WE bezwijken voor hun vraag of we met hen samen in hun lievelingstaverna een hapje wille eten. Dat is uiteindelijk prima en gezellig. We eten salade en gegrillde sardientjes voor 28 euro met zijn 2-en. Gecombineerd met het feit dat je hier nergens havengeld hoeft te betalen, voelen we onszelf virtueel steeds rijker worden….
Van Odysseus intussen geen spoor, maar dat mag de pret niet drukken.
Syvota op het eiland Lefkas
We varen wel 10 mijl op de motor (geen wind) naar Syvota, op de ZO-punt van Lefkas.
Tip van Mariëtte die hier vorig jaar als landrot was. Inderdaad een mooie natuurlijke haven in een baai met een klein dorpje, dat drijft op het bootjesvolk. De kade, die rondom het baaitje loopt, is voorzien van de nodige taverna’s en winkeltjes. Er zijn 2 kleinere huurvloten die hier hun thuisbasis hebben, maar als je vroeg bent is er plaats genoeg. We liggen in de hoek van de haven voor een leuke loungebar, die in een oude olijfperserij zit. En ons ook van Wifi voorziet!





















































































